Premier en leider VVD in aanvaring

VVD-fractieleider Van Aartsen is gisteren tijdens het debat over de aanslagen in Madrid hard in aanvaring gekomen met minister-president Balkenende (CDA). Van Aartsen verweet het kabinet ,,laks en naïef'' te zijn bij de bestrijding van terrorisme en zei dat Balkenende, door te verwijzen naar oorzaken van terrorisme en een voedingsbodem, terreur ,,vergoelijkt''.

Balkenende brak daarop in op het betoog van Van Aartsen tijdens diens bijdrage aan het debat en zei dat praten ,,in termen van vergoelijking'' een aantijging is ,,die heel ver gaat''. ,,Als zoiets in de mond wordt genomen, moet hij ook man en paard noemen. Ik vraag hem om de argumenten aan te leveren op basis waarvan hij zegt dat het kabinet terrorisme vergoelijkt.''

Van Aartsen: ,,De Duitse bondskanselier heeft in de Europese raad deze theorie mede aangehangen. Ik heb gezien dat u tijdens de persconferentie na de Europese raad exact dezelfde bewoordingen hebt gebruikt. Dit is een belangrijk punt, dus ik begrijp dat de minister-president het hoog opneemt. De gedachte dat er een voedingsbodem is, omdat er zoveel problemen zijn in de wereld, moet echt gesepareerd worden van degenen die aanslagen hebben gepleegd in Madrid, New York en Washington.''

Balkenende ontkende in die termen over terreur te hebben gesproken en haalde een speech die hij in New York hield aan, waarin hij juist zegt dat het proberen te begrijpen van de daders nooit een excuus mag zijn voor inactiviteit of betrokkenheid bij de strijd tegen terrorisme. ,,Ik heb nimmer (...) iets gedaan in de sfeer van vergoelijken. Ik neem het de heer Van Aartsen kwalijk dat hij dat zo zegt.''

Van Aartsen zei dat er in dat geval geen enkel verschil van mening meer was. ,,Dan slaat het toch als een tang op een varken om het kabinet in de schoenen te schuiven dat het deze aanslagen vergoelijkt'', hield CDA-fractievoorzitter Verhagen hem verontwaardigd voor. Van Aartsen nam daarop zijn woorden terug.

Van Aartsen verweet tevens minister Donner (Justitie, CDA) dat hij weigert het burgerlijk wetboek aan te passen om, indien nodig, moskeebesturen harder aan te pakken. De bescherming die dat burgerlijk wetboek biedt aan kerkgenootschappen moet, wat de VVD betreft worden opgeheven. Volgens Donner biedt het strafrecht voldoende mogelijkheden om op te treden tegen moskeebesturen. Hij wil hoogstens bekijken of de strafwetgeving moet worden uitgebreid om ,,gevaarlijke uitwassen'' van fundamentalisme tegen te gaan. Aanpassing van het burgerlijk wetboek vindt hij ongewenst omdat dat ,,fundamentele consequenties voor de vrijheid van godsdienst'' heeft.