Augurken bij de dood

Zomerse vrolijkheid roept het toneelbeeld van Omstanders op. De kleur groen domineert: zowel op het projectiescherm, waar bomen de lucht in groeien, als op de grond, waar een gewelfde vlonder een heuvel voorstelt of een reusachtig bed. Geluiden van zoemende bijen en klotsend water, van zingende vogels en Weense walsjes maken de vredige sfeer compleet.

Maar de mensen in dit landschap hebben niet de onschuld die erbij zou passen. Schrijver Toon Tellegen leverde een tekst met evenveel wreedheid als in zijn kinderboeken, en met een natuur die zomaar toelaat dat er iets ergs gebeurt. Want ze zíjn erg, de twee vrouwen die samen van de zomer genieten. Vlakbij hen roept een man om hulp. Hij is aan het verdrinken en het zou eenvoudig zijn om hem aan land te trekken. Alleen zijn de dames, naar eigen zeggen, daar ,,nog niet aan toe''. Eerst moeten zij eens grondig nadenken. Over geluk en ongeluk, over toeval en opzet, over de dialectiek van redders en geredden en over het leven na de dood.

Een absurde situatie, en regisseur Lidwien Roothaan dikt het gebrek aan realisme nog eens aan door niet te tonen wat de aanwijzingen beloven. Kondigt de verdrinkende, die tussendoor ook als verteller optreedt, aan dat de vrouwen gaan zitten, dan gaan zij juist liggen. Zegt hij iets over hun jurken, dan valt ons direct op dat zij geen jurken dragen maar rode broekpakken. Hier klopt vrijwel niets.

Maar de vrouwen hebben dat niet in de gaten. Zij leven in hun logica, en die klopt voor hen wèl. Consequent denken zij door, begeesterd over hun spitsvondigheden en alleen dan geïnteresseerd in de verdrinkende man wanneer hij met zijn antwoorden hun wereldbeeld bevestigt.

Het is een manier om geluk te construeren, of op z'n minst zoiets als zingeving. Maak het gezellig op je eigen eiland (de vlonder), timmer een denksysteem in elkaar dat geen twijfel toelaat, ken jezelf in dat systeem een superieure rol toe en voilà: de noden van de wereld raken je niet meer, je zit gebeiteld in je persoonlijke idylle.

Je kunt je een blijmoedigere visie op de moderne mens voorstellen en regisseur en schrijver maken het contrast tussen verdrinkingdrama en vlondergeluk steeds ietsje groter. Tegen de tijd dat de man aan zijn finale doodsstrijd toe is eten de dames op een gebloemd laken augurken: een picknick met een door het sterven geïnspireerde conversatie op niveau.

Joep Onderdelinden, een acteur met grote flaporen oren die alleen al daarmee gelach losmaakt, vertolkt de man met kinderlijk komediespel. Hij bevochtigt zich met behulp van een emmer water of zwemt juist op het droge; hij duikt als een poppenkastpop achter de heuvel op en levert lijp commentaar. Ria Eimers en Carla Mulder zijn de vrouwen. Aan hun vlonder gekluisterd slaan zij de wereld gade; zij zijn de omstanders uit de titel die net als bij zinloos geweld in onze steden geen poot uitsteken en daar nog trots op zijn ook. Tellegens gemeen-poëtische zinnen geven het drietal precies de bedrieglijk naïeve toon die ze nodig hebben.

Voorstelling: Omstanders, door Toneelschuur Producties en Stichting Lange Poten. Gezien: 14/4 Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 3/6. Inl: 023-5173900.