Veiligheid scholen ernstig bedreigd

In de grote steden zijn de veiligheidsproblemen op middelbare scholen zo groot, dat vier van de tien scholen de veiligheid van leerlingen en personeel niet meer kunnen garanderen.

Dat schrijft de Inspectie van het Onderwijs in een rapport dat vanmorgen is gepresenteerd. Met name vmbo-scholen in de grote steden kampen met grote veiligheidsproblemen, aldus het zogeheten Onderwijsverslag 2003. Op 10 procent van deze scholen komen incidenten als beschadiging, diefstal en geweld wekelijks voor. Op havo- en vwo-scholen is dit 1 procent.

Sinds het samengaan van mavo en voorbereidend beroepsonderwijs tot vmbo (in 1999) moeten reguliere scholen ook leerlingen met gedragsproblemen opvangen. Volgens de inspectie is verwijdering van probleemjongeren van school in de praktijk vrijwel onmogelijk geworden. Hierdoor ontstaan regelmatig ,,crisissituaties'' op school, aldus de inspectie.

De inspectie waarschuwt dat steeds meer vmbo-scholen, met name in de grote steden, achterhoedescholen dreigen te worden. Hier doen zich niet alleen de meeste geweldsincidenten voor, maar vallen ook de meeste leerlingen zonder diploma uit en is het lerarentekort het grootst. Van de vijftienjarigen blijkt 10 procent zo slecht te kunnen lezen dat zij schriftelijke informatie niet begrijpen. De inspectie waarschuwt voor een ,,cumulatie van problemen'', die ,,uitermate zorgwekkend'' is.

Het aandeel van de scholen dat de kwalificatie `zwak' krijgt, ligt al jaren op 4 procent. De inspectie waarschuwt ervoor dat dit percentage de komende jaren dreigt te stijgen naar 15. Ook de uitval van leerlingen komt in het vmbo veel vaker voor dan in andere onderwijssoorten. Van de 18- tot 24-jarigen blijkt 15,5 procent zonder diploma van school te zijn gegaan. Tweederde van de vmbo-scholen kampt met dit probleem, terwijl dat op het havo en vwo op circa de helft ligt. Scholieren op vmbo-scholen in de grote steden spijbelen veel vaker dan leeftijdgenoten op andere scholen.

Oud-staatssecretaris Netelenbos (PvdA) wilde met het vmbo de aansluiting op het middelbaar beroepsonderwijs verbeteren en het niveau van het voorbereidend beroepsonderwijs verhogen. Zo'n 60 procent van alle leerlingen in het voortgezet onderwijs zit op het vmbo. Volgens de inspectie heeft de invoering echter tot enkele grote problemen geleid. Zo hebben scholen moeite om voor leerlingen met gedragsproblemen te zorgen, is het imago van het vmbo slecht en dreigt de motivatie van leerlingen ernstig te verzwakken omdat zij het verband niet zien tussen de algemene en de praktijkvakken.

Hoewel het lerarentekort landelijk daalt, merken de vmbo-scholen in de steden daar nog niets van. Daardoor moeten deze scholen onbevoegde docenten voor de klas zetten, bij de technische vakken zelfs 59 procent. Dit komt volgens het rapport van de inspectie het onderwijsniveau op deze scholen niet ten goede.