Het premiertje met de zwavelstokjes

Ministers moeten tot 50 procent meer gaan verdienen, en de topinkomens bij zelfstandige bestuursorganen moeten meer in lijn met wat in het ambtenarenapparaat gebruikelijk is. Dat is, kort gezegd, het advies van de commissie-Dijkstal over de beloning van de politieke en ambtelijke top in Nederland.

Er valt veel te zeggen voor zo'n salarisverhoging. Zoals het rapport laat zien, zijn de gemiddelde brutolonen sinds begin jaren zeventig met een factor zes gestegen. Een ministerssalaris bleef daar met een factor 2,5 ver bij achter. Ministers werken de klok rond, maar genieten anders dan topambtenaren niet de bijbehorende compensatieregelingen. Door toeslagen zijn er topambtenaren die fors meer verdienen dan hun bewindsman.

Toch zijn vergelijkingen en principes niet altijd toepasbaar. Moet een baas altijd meer verdienen dan zijn ondergeschikten? Er zijn zat voetballers die meer verdienen dan hun directeur, topontwerpers die meer krijgen dan hun bedrijfsleiding, en presentatoren met een hoger inkomen dan hun omroepbaas. Het is een kwestie van – al dan niet gepercipieerde – schaarste die in de jaren negentig het inkomen van getalenteerde specialisten vaak heeft doen uitstijgen boven dat van professionele bestuurders. ING-topman Kist merkte tijdens de salarisdiscussie bij dat concern al op dat er medewerkers zijn die meer verdienen dan hij.

En wat betreft de internationale vergelijking: premier Balkenende krijgt een basissalaris van 113.065 euro. Dat is veel minder dan het vergelijkbare premiersalaris in 12 van de 15 EU-landen. De Duitse Bondskanselier Schröder krijgt 177.528 euro. Maar ja, Duitsland is dan ook een factor vier tot vijf maal zo groot als Nederland. Anderzijds krijgt de Oostenrijkse premier weer meer dan Schröder, maar verdient de Spaanse premier weer minder dan Balkenende. Weer anderzijds bedraagt het salaris voor de onbetwist hoogste politieke positie ter wereld, president van Amerika, omgerekend slechts 333.000 euro. Het presidentschap moet men zich in de VS kunnen permitteren.

De moraal: kennelijk bestaat er nu eenmaal zoiets als een nationale beloningstraditie. De commissie-Dijkstal heeft haar best gedaan de kwestie van de ministerssalarissen te objectiveren. Maar uiteindelijk gaat het toch vooral om nationale smaak en cultuur.

Hoe die kunnen verschillen bewijst de belangrijkste centrale bank ter wereld, de Amerikaanse Federal Reserve. Voorzitter Greenspan verdient omgerekend 143.000 euro per jaar.

Schrik niet: dat is bijna drie maal zo weinig als de president van De Nederlandsche Bank.