Joseph Calleja

Het eiland Malta ligt op nog geen honderd kilometer van Sicilië. Voor de promotie van de jonge Malteser tenor Joseph Calleja (26) is dat een gegeven van belang. Zijn eerste solo-cd Tenor Arias beeldt Calleja af als een charismatische maffioso, donkere zonnebril en maatpak incluis. Opzet is wellicht de aandacht af te leiden van Calleja's stem, die niet duister of zorgwekkend klinkt, maar juist vriendelijk, lyrisch en aansprekend.

Het ouder worden van Domingo (63), Carreras (58) en het opera-afscheid van Pavarotti hoeft, kortom, niet te leiden tot zorg over de toekomst der Grote Tenoren. Als ongeslagen virtuoos in het Rossini-vak regeert de Peruviaan Juan Diego Florez (31). Bij de Nederlandse Opera wordt de titelrol in Verdi's Don Carlos in juni gezongen door de Mexicaanse `supertenor' Rolando Villazón (32). En naast hen is er als allerjongste nu Calleja, die op Tenor Arias in navolging van Florez samenwerkt met Riccardo Chailly. Chailly gaat zijn Orchestra Sinfonica di Milano Guiseppe Verdi kenmerkend lucide en extreem enthousiasmerend voor in een bonte collectie aria's van Verdi, Donizetti, Cilea en Puccini. Calleja houdt zich daarin staande met een lenig, jong geluid, dat in de hoogte weinig beperkingen kent. Zijn zwakkere punt is een eentonig, snel vibrato, maar dat ligt ingebed in een ouderwets aandoend Italiaans geluid dat zeer veel goedmaakt. Na eerdere succesoptredens bij de Royal Opera aan Covent Garden en de Wiener Staatsopera debuteert Calleja deze zomer bij de Salzburger Festspiele.

Joseph Calleja, Tenor Arias o.l.v. Riccardo Chailly (Decca, 470 648-2)