Chronologie

Begin augustus 2002 Arjan Erkel, coördinator van Artsen zonder Grenzen in de Russische deelrepubliek Dagestan, wordt gewaarschuwd door de Russische geheime dienst FSB: er dreigt gevaar. In de Dagestaanse hoofdstad Machatsjkala wijst Erkel een gewapende agent als lijfwacht af. Die week dineert Arjan Erkel met twee Amerikaanse militaire waarnemers die op uitnodiging van de Russische overheid een vlootoefening in de Kaspische Zee observeren. De volgende ochtend `leent' Erkel het Amerikaanse duo een chauffeur die soms voor hem werkt om rond te snuffelen aan de Tsjetsjeense grens. De lokale afdeling van de Russische geheime dienst FSB, die de Amerikanen zonder twijfel volgt, moet dit hoogst verdacht gedrag vinden.

12 augustus 2002 Mannen in een witte Zjigoeli ontvoeren Arjan Erkel in het voorstadje Spoetnik, nabij Machatsjkala, rond half negen 's avonds. Arjan heeft net zijn vriendin, de tolk Aminat, naar haar ouderlijk huis gebracht. Twee agenten van de FSB die Arjan volgen, grijpen niet in. Ook volgen ze de ontvoerders niet. De FSB verklaart tegen de lokale politie dat het duo ongewapend was.

november 2002 Het Dagestaanse openbaar ministerie sluit zaak nummer 208160: het strafrechtelijk onderzoek naar de ontvoering van Arjan Erkel.

12 februari 2003 Na een halfjaar stilte verbreekt AzG het zwijgen en zet een petitie op internet om president Poetin en de Dagestaanse president Magomedov tot actie aan te zetten. In Moskou spreekt AzG het vermoeden uit dat `politieke motieven een rol spelen' in de ontvoering. De ontvoerders laten niets van zich horen.

Maart 2003 Een rekening arriveert bij AzG-Zwitserland, de werkgever van Arjan Erkel: iemand blijkt zijn mobiele telefoon te gebruiken. Het spoor loopt dood.

Maart 2003 Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken ontvangt foto's van Arjan Erkel, die een recente krant omhoog houdt, en twee brieven – voor de familie en voor AzG. De Dagestaanse minister van Politie laat weten dat hij zeker weet dat Arjan leeft. Hij trekt dat later weer in.

30 maart 2003 Vader Dick en broer Diederik Erkel staan op het punt naar Dagestan af te reizen, als Den Haag hen voor spoedoverleg terugroept. Dan blijkt voor het eerst ook het verschil in aanpak tussen AzG en Buitenlandse Zaken: publiciteit en openlijke druk versus stille diplomatie.

2 april 2003 Dick en Diederik Erkel keren terug in Moskou om 339.000 handtekeningen bij president Poetin in te leveren.

In april en mei krijgt AzG informatie over de leefomstandigheden van Arjan, met name via de politieman die het onderzoek leidt, Imamoetdin Temirboelatov.

31 mei 2003 Premier Balkenende stelt de zaak publiekelijk aan de orde tijdens een Europese top in St. Petersburg. De Russische president Poetin zegt dat de zaak de hoogste prioriteit heeft. Daarna heropent het Dagestaanse openbaar ministerie het onderzoek.

Begin juni 2003 Een medewerker van de FSB meldt zich bij de ambassade met een videotape van Arjan Erkel. De FSB weigert verder te bemiddelen. Oud-topschaatser Vadim Sajoetin schakelt op verzoek van schaatscoach Henk Gemser zijn buurman in, de gepensioneerde KGB-spion Valentin Velitsjko. AzG in Moskou neemt contact met Velitsjko op, maar pas in oktober sluit AzG een contract met de KGB-veteranen.

Oktober 2003 Arjan Erkel beantwoordt twee vragen. Het laatste levensteken. De krant Novaja Gazeta beticht een lokale gangster en lid van het Dagestaanse parlement ervan de ontvoering te hebben uitgevoerd: Kazimagomed Magomedov. Bronnen binnen de Dagestaanse politie bevestigen dat hij de dader is.

December 2003 Alle partijen zijn ervan overtuigd dat Arjan Erkel tijdens de kerstdagen vrijkomt. Dan komen er twee kinken in de kabel. Een bende van dertig Tsjetsjeense strijders valt Dagestan binnen, vlakbij het gebied waar Arjan Erkel vermoedelijk wordt vastgehouden. Een klein Azerbajdzjaans persbureau meldt even later dat Tsjetsjeense rebellen hem `uit handen van de FSB' hebben bevrijd.

Imamoetdin Temiroboelatov, de politieman die het onderzoek in de zaak-Erkel leidt, wordt gearresteerd in verband met de bevrijding van de 13-jarige Dzjamal Gamidov, die drie jaar eerder werd ontvoerd. Temirboelatov was het aanspreekpunt inzake Arjan Erkel. Zijn aanhouding lijkt vooral gevolg van onderlinge rivaliteit binnen de Dagestaanse politie, zo blijkt uit onderzoek van deze krant.

Temirboelatov heeft een langlopend conflict met zijn chef Koelijev, en vertrouwt daarbij op machtige beschermers binnen de politietop in Moskou. Hij heeft zijn superieuren niets verteld over zijn bemiddeling in de zaak-Gamidov: zij vinden 50.000 dollar in zijn kluis – mogelijk deel van het losgeld. De Moskouse beschermers distantiëren zich van Temirboelatov, zijn familie ontvlucht Dagestan en zijn advocate wordt door een auto geschept op de dag dat ze hem voor de rechtbank moet verdedigen. Zij ligt twee weken in het ziekenhuis, Temirboelatov zit nog steeds achter de tralies.

Al deze verwikkelingen doen de zaak geen goed: de ontvoerders verbreken elk contact met de KGB-veteranen.

Begin maart 2004 Jean-Hervé Bradol, hoofd AzG Frankrijk, meldt dat Arjan Erkel aan een longaandoening lijdt en door zijn ontvoerders met executie wordt bedreigd. Hij rept van betrokkenheid van een lokale parlementariër en een Dagestaans Doemalid – dat laatste blijkt later een vergissing. Opnieuw harde woorden tegen de Russische overheid.

Een breuk dreigt tussen vader Dick Erkel en AzG. Dick Erkel betoont zich `zeer onthutst' door het optreden van AzG. Hij heeft de pers gevraagd niet over Arjan te publiceren, omdat de zaak nu gebaat zou zijn bij rust. De Nederlandse en Zwitserse secties van AzG zouden met tegenzin hebben beloofd geen publiciteit te zoeken, en daarom Bradol, hoofd van het Franse AzG, naar voren hebben geschoven.

29 maart 2004 De Dagestaanse arts Abdoelrasjid Saidov vertrekt naar Dagestan in opdracht van AzG om contact te maken met de kidnappers. Hij interviewt de vermeende ontvoerder, Kazimagomed Magomedov, die zegt naar Moskou te reizen voor een gesprek met Nikolaj Patroesjev, hoofd van de FSB. Saidov keert later die week onverrichterzake terug.

6 april 2004 De kidnappers nemen contact op met de KGB-veteranen van Valentin Velitsjko, die naar Dagestan afreist.

11 april Om 3 uur 's nachts haalt Velitsjko Arjan Erkel met een auto af op een afgesproken punt, één uur rijden van de Dagestaanse hoofdstad Machatsjkala. Arjan vliegt meteen door naar Moskou, en 's avonds naar Rotterdam.