Modderklip

Met grote kaplaarzen banjert Adelina Nqbela net na zonsopgang over het achterland van de Modderklip-boerderij. Dit is de meest oostelijke grens van Johannesburg. Hier gaat de grote stad over in het platteland. Het onkruid staat kniehoog op het land, nog nat van de ochtenddauw. Nqbela wijst over het gras naar de wuivende maïskolven. Het graan en de bonen houden haar hier in leven, zegt ze, al drie jaar lang.

In Zuid-Afrika verdient de rijkste vijftien procent van de zwarten nu zo'n veertig keer zo veel als de armste vijftien procent. Nqbela hoort bij een groep van veertigduizend `plakkers', zoals ze in het Afrikaans worden genoemd, die drie jaar geleden neerstreken op het land van de Modderklip-boerderij, een van de grootste boerderijen in de provincie. De plakkers zijn afkomstig van Daveyton en Chris Hani, twee krottenwijken om de hoek van de Modderklip-boerderij.

Het leven daar was onhoudbaar geworden, zegt Nqbela. ,,Het is er vol, er is geen water, geen elektriciteit en geen werk.'' De oostelijke punt van Modderklip zag er verlaten uit. De boer deed er op het eerste gezicht al jaren niks meer mee. ,,We wisten niet eens dat het zijn land was.''

De landbezetting van Modderklip heeft blank Zuid-Afrika schrik aangejaagd. De armen die hun ongeduld voor een beter leven op blanke boeren botvieren, dat klinkt wel heel erg als Zimbabwe. Met afgrijzen hebben de blanke boeren in Zuid-Afrika de afgelopen jaren naar de ontwikkelingen in het noordelijke buurland gekeken waar president Mugabe op een paar uitzonderingen na alle vijfduizend boeren van het land heeft gejaagd. De geschiedenis rechtzetten noemt hij dat. De parallellen met Zuid-Afrika zijn onontkoombaar. Net als in Zimbabwe hebben een paar duizend blanken hier meer dan tachtig procent van het vruchtbare land in handen.

De Zuid-Afrikaanse regering noemt landbezettingen als die op Modderklip illegaal. Herverdeling van het land loopt in Zuid-Afrika via een landcommissie die tegen marktprijzen het land van boeren op moet kopen. Tien jaar na de eerste vrije verkiezingen is slechts twee procent van het blanke land weer in zwarte handen gekomen. Het duurt veel te lang, vinden ze in Modderklip. Als de regering ons geen menswaardig bestaan kan geven, dan regelen we het zelf wel.

,,Er is veel veranderd'', zegt Richard op het provisorische kantoortje van Gabon, zoals het `plakkerskamp' op Modderklip is gaan heten. Er is water en er is ruimte. Nog steeds wonen de mensen in huisjes van brandhout en golfplaten, maar het oogt geordend, er groeien groenten in elke tuin. ,,Tien jaar geleden had het leger al lang hier op de stoep gestaan. Nu laten ze ons met rust.''

Een rechtbank heeft weliswaar beslist dat Gabon moet worden ontruimd, maar de Zuid-Afrikaanse regering heeft hieraan nog geen gehoor gegeven. Bulldozers sturen naar Gabon zou te veel op apartheid lijken en waar moeten de bewoners heen?

De twijfel legt Zuid-Afrika's grootste dilemma bloot van de afgelopen en de komende tien jaar. Als een ballenjongen langs een tennisveld kijken zowel zwarte als blanke Zuid-Afrikanen naar Afrika en naar het Westen voor een oplossing van de grootste problemen van het land. Als westerse antwoorden op Afrikaanse problemen niet werken, wat dan wel?