Het recht op juridische bijstand

Als de verdachten me zien, schrikken ze zich meestal wild'', zegt advocaat Qian Lieyang. Hij is betrokken bij een juridisch experiment in Peking. Anders dan in China gebruikelijk is, is Qian aanwezig op het moment dat de politie de verdachte voor het eerst ondervraagt. Veel verdachten vragen dan wat hij doet, zegt Qian, ze denken dat hij aan de kant van de overheid staat. Qian houdt kantoor in een groot pand in het zuiden van Peking. Zijn juridische graad hangt ingelijst aan de muur, en hij draagt een keurig donkerblauw pak.

China is nog niet zo lang bekend met advocaten die voor de belangen van hun cliënten opkomen. Tot 1997 dienden rechtszaken vooral om het brede publiek te onderrichten over goed en kwaad. Het oordeel van de rechter kwam door overleg achter de schermen tot stand en stond vrijwel altijd al vast voordat het proces begon. Was er een advocaat bij het proces betrokken, dan trok die nooit de schuld van de verdachte in twijfel. Zijn rol was vooral aannemelijk te maken dat de verdachte spijt had, en dat hij hoopte op een lichtere straf voor zijn cliënt.

Maar sinds 1997, toen het strafrecht werd aangepast, dient het strafproces veel meer om schuld vast te stellen. De positie van een advocaat is daarbij nog relatief zwak. Er komt pas een raadsman in beeld als de verdachte daar expliciet om vraagt via een brief aan zijn familie. Maar die advocaat kan dagen op zich laten wachten en lang niet iedereen kan zich er een veroorloven. Het profijt dat de verdachten van de advocaat hebben is daarmee vooral indirect. Raadsman Qian: ,,Doordat er een advocaat bij is, gedraagt de politie zich correcter. Ze voelen zich op hun vingers gekeken.''

In China vormt de politie een zwakke schakel in de bescherming van de rechten van verdachten. Volgens officiële Chinese bronnen overleden in de eerste tien maanden van 2003 460 mensen en raakten 117 mensen zwaargewond terwijl ze onder toezicht stonden van de politie. Het is niet ongewoon dat dieven uren achtereen op hun hurken buiten voor het bureau met handboeien aan een boom vastzitten. Het slaan of intimideren van verdachten lijkt eerder regel dan uitzondering. Begin dit jaar heeft China bijna 45.000 politiemensen ontslagen omdat ze onvoldoende gekwalificeerd waren of zich schuldig hadden gemaakt aan zaken als corruptie, gokken of dronkenschap tijdens het werk.

Het was voor Qian dan ook niet makkelijk om toestemming te krijgen voor zijn project: Agenten willen geen `pottenkijkers'. Maar het hoofd van een bureau in de wijk Haidian in Peking zag er wel heil in: ,,Hij is handig. Hij gebruikt onze aanwezigheid om zijn eigen politiemensen beter onder controle te houden'', zegt Qian.

Qian heeft vroeger zelf bij de politie gewerkt. Als er geen advocaat bij is, wordt de verdachte dan geslagen? ,,In Peking is de politie zeker een stuk beschaafder geworden dan toen ik er nog werkte. Er wordt niet meer geslagen. Maar over wat er buiten Peking gebeurt durf ik geen uitspraak te doen.''

Amnesty International wijst er in een rapport van afgelopen oktober op dat China wel veel heeft gedaan aan de verbetering van de wetgeving, maar dat daarbij juist de hervorming van het strafrecht achterloopt, terwijl het strafrecht het meest van invloed is op de mensenrechtensituatie. ,,Op den duur moet in de wet komen te staan dat elke verdachte van begin tot eind recht heeft op bijstand van een advocaat. Nu hebben alleen minderjarigen en mensen die de doodstraf kunnen krijgen dat. De rest krijgt alleen rechtsbijstand als ze er zelf voor kunnen betalen.''

Qian is er stellig van overtuigd dat dit zal leiden tot een verbetering van de mensenrechtensituatie. Gelooft hij ook dat meer eisen van het buitenland zullen leiden tot een betere bescherming van de mensenrechten in China? ,,Druk niet, dialoog wel. We weten dat we moeten veranderen en we horen graag van het Westen hoe. Maar het zal uiteindelijk toch van ons zelf moeten komen.''