Hersengroei ná de geboorte belangrijk voor intelligentie

Kinderen die na de geboorte relatief het sterkst groeien in hoofdomvang hebben de hoogste IQ's. Het IQ van een negenjarig kind hangt niet samen met zijn hoofdomvang als foetus van 18 weken of bij geboorte, maar wel met de hoofdomvang op de leeftijd van negen maanden en van negen jaar zelf. Dit blijkt uit een onderzoek onder 211 kinderen in Engeland door een groep epidemiologen van de Universiteit van Southampton onder leiding van Christopher Martyn (Brain, febr).

Voor iedere 1,4 cm die de hoofdomvang bij negen maanden groter is dan het gemiddelde, neemt het IQ op negenjarige leeftijd met bijna 2 punten toe. Een hoofdomvang die op negenjarige leeftijd 1,6 cm groter is dan het gemiddelde hangt samen met een bijna drie punten hoger IQ – allemaal gecorrigeerd voor andere factoren als opleidingsniveau moeder, sociale klasse, enz. Omdat hoofdomvang een redelijke maat is voor hersenvolume kan hieruit worden afgeleid dat vooral hersengroei ná de geboorte van belang is voor het latere IQ. De verbale intelligentie hangt vooral samen met een grote groei tussen negen maanden en negen jaar en nonverbale intelligentie met groei in de eerste negen maanden van het leven.

Deze conclusies gaan in tegen eerder onderzoek. Daarbij werd een gevonden samenhang tussen hoger geboortegewicht en hoger IQ op latere leeftijd verklaard uit de het belang van hersengroei tijdens de zwangerschap. Dat blijkt dus nu nogal mee te vallen. Eind vorig jaar had dezelfde Engelse groep epidemiologen ook al vastgesteld dat een grotere hoofdomvang bij 66- tot 75-jarigen samenhing met een hoger IQ en een geringere verval van het geheugen over een periode van drieënhalf jaar. Maar er was geen enkele relatie tussen het IQ en hun hoofdomvang bij geboorte. De hersengroei daarna is dus bepalend geweest.

Het nu gevonden effect van hoofdomvang bij negen maanden en negen jaar op IQ is overigens aanzienlijk kleiner dan het effect van de opleiding van de moeder of bijvoorbeeld de duur van de borstvoeding op IQ. Een kind met een universitair opgeleidde moeder blijkt een bonus van bijna twaalf IQ-punten te krijgen ten opzichte van een kind met een moeder met een mavo-diploma of lager. Een borstvoeding van langer dan vier maanden leidt tot een premie van ruim zes IQ-punten.