Dubbelslag?

Slechts zeven renners in de wielerhistorie wonnen in één jaar zowel de Ronde van Vlaanderen als Parijs- Roubaix. Is een `dubbelslag' wel mogelijk door de fysieke belasting?

Adri van Diemen, inspanningsfysioloog: ,,De historie heeft bewezen dat het kan, maar tegelijkertijd dat het moeilijk is. Zeven dagen rust is in principe lang genoeg na een eendaagse inspanning. De eerste dag ben je moe, de tweede dag voel je de benen, de derde dag begint alles weg te trekken en de vierde dag is je lichaam weer oké. In de Ronde van Vlaanderen liggen minder kasseien dan in Parijs-Roubaix, dus de volgorde is gunstig. Andersom zou een `dubbel' niet mogelijk zijn, want hoe slechter de kasseien liggen, hoe groter de spierschade. Parijs-Roubaix is een survivaltocht. Vergelijk het met een marathon. Wij noemen dat in ons vak `excentrieke spierconcentratie'. De spier doet zijn best om korter te worden, maar door de kracht van buitenaf wordt hij juist opgerekt. Dan ontstaat spierpijn, die vraagt om extra herstel. Daarom is het logisch dat je alleen in wielrennen etappekoersen hebt en niet in de atletiek. Bij hardlopen en bij fietsen op kasseien krijgt het lichaam zo'n opdoffer door het vele horten en stoten, dat je nadien rust moet inbouwen.''

Walter Godefroot, ploegleider van de Duitser Steffen Wesemann, die afgelopen zondag de Ronde van Vlaanderen won en morgen een van de favorieten is voor de eindzege in Parijs-Roubaix: ,,Het zal zeker niet eenvoudig worden, maar Steffen is super gemotiveerd en hij rijdt altijd goed in Parijs-Roubaix. Hij droomt van deze koers. Hij is deze week een paar dagen terug naar zijn huis in Zwitserland gegaan om goed te kunnen herstellen. Hij recupereert gelukkig altijd snel van een zware inspanning. Gent-Wevelgem kun je alleen rijden als je het als een training beschouwt. Steffen is er klaar voor, maar één lekke band op een ongelukkig moment en zijn kansen zijn verkeken.''

Geert Leinders, ploegarts Rabobank-wielerploeg: ,,Het is een huzarenstukje om beide koersen te winnen. Psychisch is het heel zwaar voor een renner om zich na een euforie weer zo snel op te laden. Een koele kikker als Peter van Petegem (Belgische renner die vorig jaar de dubbel won, red.) richt zich alleen op deze twee koersen en zie je de rest van het jaar niet. Maar de meeste renners fixeren zich ook op andere koersen en moeten de druk op de ketel houden. Voor iemand die het hele jaar goed wil zijn, is het veel lastiger om binnen een week twee keer onder de melkzuurdrempel te fietsen. Hij laat het rapper lopen, zeker als hij `Vlaanderen' al heeft gewonnen. Toch is het fysiek mogelijk beide koersen te winnen, mits je Gent-Wevelgem tussendoor laat schieten en de benzinetank met een beetje bijtrainen rustig van nieuwe voorraad voorziet. Omgekeerd zou het niet kunnen. Parijs-Roubaix is als een marathon voor atleten. Zij lopen veel zwaardere spierschade op dan wielrenners door de schokken op de grond. Hetzelfde geldt voor de kasseien in Parijs-Roubaix. Daarna moet een renner zijn hele carrosserie laten opknappen.''

Peter Post, sinds zijn zege in 1964 houder van het snelheidsrecord in Parijs-Roubaix: ,,Het is zeker mogelijk. Renners die winnen komen goed thuis. Ze zijn in vorm en voelen geen druk meer. Wesemann is mijn man morgen. Hij reed in `Vlaanderen' zo goed, zo makkelijk. Er is er vorige week een last van hem afgevallen. Ik volg hem al een paar jaar en geloof mij: die gaat nog een paar grote wedstrijden winnen.''

Hennie Kuiper, won in 1981 de Ronde van Vlaanderen en in 1983 Parijs-Roubaix: ,,Ik heb aan den lijve ondervonden dat het mogelijk is. Mijn ervaring is dat je na `Vlaanderen' maar twee dagen nodig hebt om in alle sereniteit te herstellen. Een beetje trainen met de handen bovenop het stuur, meer moet je niet doen. Ja, ik at altijd duifjes voor de koers en mijn ploeggenoot Roger de Vlaeminck zweerde bij taartjes. Ik had in 1981 de dubbel kunnen en moeten winnen, maar moest Roger in `Roubaix' een wederdienst bewijzen voor zijn hulp aan mij in `Vlaanderen'. Ik reed als een straaljager en pakte alle gedemarreerde renners moeiteloos terug. Mijn grootste fout was dat ik niet alleen voor Roger reed, maar ook voor Bernard Hinault die ons als beginnelingen heeft geklopt.''