The New York Times

[...] Het is begrijpelijk dat de gemiddelde Irakezen in deze tijd van crisis eenvoudig proberen niet te veel op te vallen. Maar er is geen excuus voor de ongelofelijke passiviteit van de Iraakse regeringsraad. Dat geldt in de eerste plaats voor een van zijn prominentste leden, Ahmad Chalabi, de vroegere balling die zijn politieke leven in het nieuwe Irak aan de Verenigde Staten te danken heeft. Chalabi kan geen invloed uitoefenen soennitische of shi'itische milities, maar zijn onmacht wekt geen vertrouwen dat de nieuwe regering het beter zal doen als zo'n uitdaging zich na de machtsoverdracht van 30 juni zal voordoen.De machtige shi'itische geestelijke leiders die het meest van de invasie hebben geprofiteerd, zijn ook niet behulpzaam geweest. Groot-ayatollah Ali al-Sistani, die de Verenigde Staten beschouwde als sleutel voor de vorming van een nieuwe regering, heeft zijn volgelingen opgeroepen af te zien van gewelddadigheden. Maar hij heeft ook (de fel anti-Amerikaanse jonge geestelijk leider, red.) Sadr, die hij haat, nieuwe legitimering verschaft door te zeggen dat het juist is zich te verzetten tegen de bezetting. [...]