Halflege zuurstoffles voor Jolanda

In 1999 overleed de verstandelijk gehandicapte Jolanda Venema. Haar ouders daagden de artsen en verpleegkundige voor het tuchtcollege.

Een verpleegkundige van Maartenswouden, een wooninstelling voor gehandicapten in Drachten, dacht op 21 juli 1999 dat ze Jolanda Venema (33) op een volle zuurstoffles aansloot. In werkelijkheid was die half leeg. Een uur lang bleef de ernstig gehandicapte en gedragsgestoorde Jolanda verstoken van zuurstof.

Het lukte verpleegkundige C. Bouwkamp die avond niet Jolanda wakker te krijgen voor haar medicijnen. Ze was er niet gerust op, zei ze gisteren als getuige voor het Regionaal Tuchtcollege in Groningen, en waarschuwde eerst de instellingsarts die haar adviseerde Jolanda maar te laten slapen. Omdat het ,,niet-pluis-gevoel'' bleef, schakelde ze haar unit-hoofd E. van der Struik in. Die ontdekte dat de fles leeg was en sloot een nieuwe aan.

Van der Struik was een van de vijf gedaagden die gisteren voor het tuchtcollege verschenen. Het Drachtster echtpaar Venema meent dat het feit dat Jolanda een uur lang van zuurstof verstoken bleef en de in het ziekenhuis toegediende medicijnen, haar dood hebben veroorzaakt. Ze verwijten instellingsarts J. Kleijer, Van der Struik en drie specialisten van ziekenhuis `Nij Smellinge' in Drachten hun dochter adequate medische zorg te hebben onthouden. Jolanda overleed op 21 juli 1999.

Jolanda kwam in 1988 landelijk in het nieuws. Toen gaven haar ouders een foto van haar vrij, waarop te zien was hoe ze naakt en vastgeketend aan een muur in het Hendrik van Boeijenoord in Assen zat. Een onmenselijke behandeling, oordeelden de Venema's, die pleitten voor een humanere en gespecialiseerder behandeling van gedragsgestoorde gehandicapten.

Vijf jaar lang probeerden de Venema's in gesprekken en via bemiddeling duidelijkheid te krijgen over de doodsoorzaak van hun dochter. Toen dit niet lukte (,,We moesten van tevoren ondertekenen dat we geen juridische stappen zouden ondernemen'') daagden ze het vijftal voor het Groninger tuchtcollege. Over de halflege zuurstofles hoorden de ouders van Jolanda pas in november 1999. Zij zijn ervan overtuigd dat Van der Struik zelf de fles heeft aangekoppeld. Maar deze ontkende dit gisteren. Vast staat dat er over de foutieve fles nergens gerapporteerd is. Bouwkamp noteerde in de dagrapportage: ,,Ik vind het een godgeklaagde bende.''

Luttele uren daarna zou Jolanda, in de vroege ochtend van 22 juli 1999, overlijden aan een acute hartstilstand en longproblemen. Dat was althans wat arts Kleijer als natuurlijke doodsoorzaak in de overlijdensverklaring schreef. Hij stelde de Venema's weliswaar een obductie (lijkschouwing - red.) voor, maar dit had voor hen op dat moment geen zin, omdat de arts niet twijfelde aan een natuurlijke dood.

Jolanda werd op 13 juli 1999 opgenomen in het Drachtser ziekenhuis omdat ze hevige jeuk en pijn aan haar oren had. Volgens de ouders kreeg Jolanda, in strijd met de gemaakte afspraken, zware kalmeringstabletten toegediend, die zouden hebben geleid tot haar dood. Na zes dagen opname ging ze, tegen de zin van haar ouders en volgens hen ,,halsoverkop'', terug naar Maartenswouden. Jolanda had toen longontsteking, koorts, bloedarmoede en een zwakke lichamelijke conditie, aldus advocaat J. Beer van de Venema's. Advocaat E. Hulleman van de drie specialisten ontkende dat Jolanda te vroeg was ontslagen. Een medische indicatie voor een langer verblijf ontbrak.

De klachten van de ouders over de artsen noemde hij ,,onterecht en onheus''. Hij onderstreepte dat het ziekenhuis er alles aan had gedaan om Jolanda zo goed mogelijk te behandelen. ,,Jolanda krabde zich tot bloedens toe en was onrustig. Het alternatief was fixatie (vastbinden, red.), maar dat wilden de ouders niet.'' Vader D. Venema ontkende dit overigens. De opname van Jolanda op de afdeling neurologie noemde Hulleman ,,een regelrechte ramp''. ,,Ze was over haar toeren en schreeuwde.'' Hierop werd een aparte kamer in een nieuwe leegstaande vleugel voor haar in orde gemaakt. ,,Jolanda was een zielig hoopje paniek''. De behandelend psychiater besloot haar andere medicijnen toe te dienen. De Venema's klagen dat ze over dit besluit niet zijn ingelicht. ,,We zijn overal buiten gehouden.''

Moeder Venema zei na afloop dat zij en haar man naar het tuchtcollege waren gestapt, in de hoop ,,rust'' te vinden. De uitspraak is op 7 juni.