Precaire balans

Producenten en liefhebbers van de Nederlandse variant van de cannabis – de zogeheten nederwiet – krijgen als het aan het kabinet ligt een probleem. Zij hebben het werkzame bestanddeel van hun product opgevoerd tot de hoogte van een harddrug. Als uit nader onderzoek blijkt dat deze vergelijking werkelijk opgaat, zal het kabinet niet schromen de potente cannabisvariant op de lijst van hard drugs te plaatsen. Dan is het afgelopen met het gedogen. De veronderstelde schadelijkheid moet overigens nog wel worden aangetoond.

Dat is tekenend voor de Cannabisbrief van de ministers Hoogervorst (Volksgezondheid), Donner (Justitie) en Remkes (Binnenlandse Zaken). De toonzetting is fors, maar de bewindslieden kunnen er niet omheen dat zij te maken hebben met een ,,precaire balans''. Coffeeshops worden gedoogd om met name experimenterende jongelui af te houden van de stap naar hard drugs. Deze ,,scheiding der markten'' werkt nog steeds, zo blijkt uit de brief. Dat telt vooral voor minister Hoogervorst. Donner daarentegen vindt het coffeeshopbeleid vanuit het oogpunt van wetshandhaving en bestrijding van criminaliteit ,,onbevredigend''. Minstens zo vervelend is volgens hem dat de coffeeshops Nederland binnen Europa in diskrediet brengen.

Midden op de wip zit minister Remkes, de minister van de Nederlandse gemeenten. De rijksoverheid stelt landelijke kaders, maar het eigenlijke coffeeshopbeleid is in belangrijke mate een zaak van het lokaal bestuur. Dat is vooral pragmatisch. In de grensstreek werd sceptisch gereageerd op Donners aansporing, na een bezoek aan de regering in Berlijn, om buitenlanders uit coffeeshops te weren. In 1988 riep zijn voorganger Korthals Altes daar ook al toe op, maar het bleek toch niet zo eenvoudig. Het kabinet maant nu andermaal de gemeenten, met een beroep op hun dure plicht één koers met het rijk te varen in Europa. Maar elders in Europa blijken lokale overheden wel degelijk een eigen pragmatische weg te zoeken in het drugsbeleid.

Grootschalige teelt van steeds sterkere nederwiet, de invloed van de georganiseerde misdaad, de overlast van coffeeshops zijn gerede punten van zorg. Het is verstandig wanneer Donner c.s. de druk op de ketel houden. Gedoogbeleid heeft de neiging te vervagen tot ,,laat maar waaien'', doch vergt integendeel regelmatig onderhoud. Realisme blijft echter geboden. Dat beseft de minister van Justitie zelf trouwens ook, zoals hij nog geen maand geleden liet blijken bij overleg over het gokken. Ook een verslavende gewoonte. Toch noteerde hij droogjes: ,,Het is niet aan de overheid om gokken tegen te gaan, het is een gegeven dat er wordt gegokt.''

Al te veel druk op de ketel werkt al gauw averechts, getuige de reactie van Amsterdam op de Cannabisbrief: legaliseer de softdrugs. Dat is overigens een gemeente die werk heeft gemaakt van het ontmoedigingsbeleid en het aantal coffeeshops terugbracht van 550 in het begin van de jaren negentig tot 350 bij de laatste telling, eind vorig jaar. Legaliseren is geen haalbare optie, maar omgekeerd schiet niemand er iets mee op om de detailhandel ondergronds te drijven. Het blijft, zoals het kabinet zegt, een ,,precaire balans''.