Inflatie daalt naar 1,1 procent in maart

De inflatie in Nederland is in maart verder gedaald en uitgekomen op 1,1 procent. Dat is het laagste niveau sinds augustus 1989. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen bekendgemaakt. Berekend op de geharmoniseerde Europese wijze bedroeg de inflatie 1,2 procent.

Hoewel nog niet alle cijfers van de euro-landen over maart bekend zijn, heeft Nederland dezer dagen een van de laagste inflatiecijfers van de eurozone. In de maand februari was enkel de inflatie in Duitsland en Finland lager dan in Nederland. Drie jaar geleden behoorde Nederland nog tot de landen met de hoogste inflatie.

Voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken waren in maart gemiddeld 2,6 procent goedkoper dan een jaar eerder. Ook kleding en schoeisel droegen bij. De daling van de inflatie werd afgeremd door de hogere prijzen voor tabak en brandstof.

Van februari op maart zijn de prijzen gemiddeld 0,7 procent gestegen. Zo'n groei is normaal voor maart, stelt het CBS. Vooral kleding en schoeisel werden duurder in deze periode. Dat hangt samen met de nieuwe zomerkleding, die deels in maart in de winkels komt. Sigaretten en shag werden in maart ook duurder.

Voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken werden in maart goedkoper. Vlees, zuivelproducten, verse groenten, koffie en frisdranken gingen voor minder geld over de toonbank. De prijsstijging van februari op maart was iets kleiner dan de prijsstijging in dezelfde periode een jaar eerder. Hierdoor is de inflatie licht afgenomen. De voor de loonontwikkeling relevante `afgeleide inflatie' waar belastingen en overheidstarieven van zijn uitgezonderd, daalde in maart naar 0,8 procent.