In cel voor oorlogsmisdaad

De rechtbank in Rotterdam heeft gisteren een 51-jarige Congolese asielzoeker veroordeeld tot tweeënhalf jaar gevangenisstraf wegens het medeplegen van foltering in voormalig Zaïre. Het is de eerste keer dat in Nederland een asielzoeker veroordeeld is wegens misdaden tegen de menselijkheid.

Sinds 1998 onderzoekt het zogeheten NOVO-team van het Korps Landelijke Politiediensten in samenwerking met een team van het parket in Arnhem oorlogsmisdaden van asielzoekers in Nederland. Justitie baseert zich daarbij vooral op de asieldossiers die door de IND worden overgedragen. Tot nu toe werd echter slechts één zaak – die van de Congolees – voor de rechter gebracht. Onderzoekers van de Universiteit Utrecht concludeerden in 2001 dat het erg lastig is om voldoende bewijs te verzamelen aangezien de strafbare feiten veelal lang geleden gepleegd zijn en het moelijk is om onderzoek te doen in het land waar de asielzoeker vandaan komt. De minister van Justitie besloot in 2002 het aantal onderzoeken te verdubbelen. Het vervolgen van oorlogsmisdaden heeft prioriteit voor justitie omdat Nederland onderdak biedt aan het Joegoslavië-tribunaal en het Internationaal Stafhof.

De veroordeelde Congolees, Sébastien N., was in 1996 chef bij de garde de civile in de havenplaats Matadi. De rechtbank achtte het bewezen dat de kolonel een medewerker van de douane gevangen heeft laten zetten en hem gedurende enkele dagen systematisch heeft laten mishandelen. Ook heeft hij de douaneambtenaar zelf meermalen geslagen met een riem. De rechtbank noemde in haar uitspraak de gedragingen van Sébastien N. ,,zeer ernstig'': ,,Uw bijnaam `koning der beesten' heeft u niet toevallig gekregen'', zo sprak de president van de rechtbank.

Nederland kent sinds 2001 de Wet Internationale Misdrijven (WIM), die misdaden tegen de menselijkheid, waaronder foltering, stafbaar stelt. Sébastien N. is echter veroordeeld op grond van het VN-folterverdrag, omdat het misdrijf in 1996 is gepleegd.

Kolonel Sébastien N. vroeg in 1998 asiel aan. Kort daarvoor was hij in Congo veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf, eveneens wegens stelselmatige mishandeling. Tijdens de asielaanvraag kwam het verleden van N. aan het licht.

Nederlandse rechercheurs hebben tijdens hun onderzoek Congo verschillende malen verzocht. Dat leverde drie aangiften op. N. is voor één feit veroordeeld.