E-mail

De zegeningen van e-mail zijn al zo vaak bezongen dat het tijd wordt bij enkele nadelen stil te staan.

Wie iets van een ander gedaan wil krijgen, doet er goed aan niet te veel op het e-mailverkeer te vertrouwen. De ontvanger van het verzoek kan er zich in zijn antwoord gemakkelijk met een globale weigering vanaf maken gemakkelijker dan in een persoonlijk gesprek. Hij hoeft niets toe te lichten en staat niet aan de verleiding bloot om te zwichten voor morele druk.

Een ander nadeel van e-mail is dat je je voortdurend opgejaagd voelt om antwoord te geven. Laat je dat na, dan gaat de verzender zich afvragen wat er met je aan de hand is. Ben je boos vanwege een vorige mail, of lig je misschien met een hersenbloeding naast je computer in een flatgebouw waar iedereen met vakantie is?

E-mail is een race op de snelweg, een briefwisseling is een tochtje per postkoets.

E-mail is ook een slecht medium voor mensen die moeite hebben met afscheid nemen. Zoals sommige mensen in het gewone leven geen einde kunnen maken aan een gesprek, zo stellen ze ook de afrondende e-mail zo lang mogelijk uit.

,,Zoals afgesproken treffen

wij jullie op maandag 2 augustus.''

,,Ik heb jullie bevestiging genoteerd. Hartelijk dank.''

,,Graag gedaan. Als er iets tussenkomt, laten wij dat weten.''

,,Daar reken ik op.''

,,Maar je kunt er rustig vanuit gaan dat wij komen.''

,,Ik verwacht niet anders.''

,,Want wij verheugen ons er erg op.''

,,Dat gevoel is geheel wederzijds.''

,,Wij houden het dus op maandag 2 augustus.''

,,Wij ook. Laat het alleen meteen weten als er iets tussenkomt.''

,,Natuurlijk. In dat geval laten wij meteen iets weten.''

,,Dus als jullie niets laten weten, gaan wij ervan uit dat...''

Cryptische e-mails kunnen misverstanden veroorzaken, bondige e-mails maken algauw een botte indruk.

,,Kun je morgen even langskomen?''

,,Ik heb geen tijd.''

,,Sinds wanneer heb jij geen tijd voor mij?''

,,Ik bedoel: ik heb mórgen geen tijd.''

,,Dat klinkt al anders.''

,,Dan hoef je toch nog niet meteen zo boos te worden?''

,,Maar ik bén helemaal niet boos.''

Voordat je het beseft, lig je de rest van je leven in de loopgraven van een bittere vete. Wat als een slordige, in haast geschreven e-mail begon, eindigt in een explosie van haat.

Lezers die op dit stukje per e-mail willen reageren, zijn gewaarschuwd. Wie op fouten wil wijzen, dient dat met tact te doen. Dus bijvoorbeeld: ,,Wederom van uw stukje genoten. Jammer van die ene fout die vermoedelijk door uw eindredacteur in regel vijftien is aangebracht.''

De brutaleren onder u (,,Van een columnist van een kwaliteitskrant had ik niet verwacht...'') kunnen een keiharde witheetmail terugverwachten: ,,Waarom zou u een kwaliteitskrant lezen?''

We leven toch in een tijd waarin je mag zeggen wat je denkt? E-mail belichaamt die tijdgeest.