Taart met advocaat

Deze feestelijk taart past goed bij een paasbrunch of -buffet. Zeef de bloem en de basterdsuiker boven een kom. Snijd de boter in blokjes en vervolgens in de bloem met twee messen tot korrels. Doe er het ei en zout bij en kneed het mengsel snel tot een soepel deeg. Dit kan ook in de keukenmachine. Verpak het deeg in folie en laat het een uur rusten.

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius. Vet een platte vlaaivorm of quicheschaal (24-26 centimeter doorsnee) dun in. Stuif bloem over het werkvlak. Rol daarop het deeg uit tot een grote ronde lap. Drapeer die lap in de vorm en prik met een vork gaatjes in de bodem. Leg bakpapier op de deegbodem en vul de vorm met steunvulling van bijvoorbeeld oude peulvruchten. Dit heet blind bakken. Bak de taartbodem in een kwartier.

Verwijder het bakpapier met de steunvulling en bak de bodem nog vijf minuten extra. Af laten koelen. Breek de chocolade in brokjes en smelt die in een kom boven heet water. Er mag geen stoom bij komen. Bestrijk de taartbodem helemaal met chocolade en laat die hard worden. Week de gelatineblaadjes vijf minuten in ruim koud water. Klop de helft van de slagroom met 25 gram suiker dik en lobbig. Roer in een kom de advocaat door de vanillevla en spatel hier de slagroom door.

Verhit drie eetlepels water en los hierin 25 gram suiker op. Neem de pan van het vuur en roer de goed uitgeknepen gelatine door de suiker, tot alles is opgelost. Roer de gelatine door het advocaatmengsel en verdeel dit over de taartbodem. Zet de taart minstens drie uur of een nacht lang in de koelkast. Klop de rest van de slagroom met de rest van de suiker stijf. Spuit toefjes slagroom op de taart en versier die met paaseitjes of paashaasjes.

Morgen: paaskoekjes