Hou slaapzak droog en op volume

Slaapzakken heb je van 10 tot 400 euro. Dat is een prijsverhouding binnen eenzelfde product die je eigenlijk alleen in de auto-industrie aantreft. Voor dure auto's zijn duizend-en-een redenen te verzinnen. Maar slaap je echt veel beter in een Porsche dan in een Panda?

Slaapzakken onderscheiden zich van elkaar in drie dingen: de vulling, de tijk en de vorm. Het meest praat men over de vulling. Is die van dons of van synthetische vezels? En wat voor dons dan? En hoeveel zit erin?

Het belangrijkste wat je van dons moet weten is dat het duur is. Ganzendons en eendendons worden het meest gebruikt. Van het fameuze eidereendendons hoor je zelden meer, terwijl `landvogeldons' (gemalen kippenveren) inferieur is. Dons is licht, goed samendrukbaar en warm. Maar er zijn ook nadelen. Een donzen slaapzak is kwetsbaar. Je kunt hem beter niet wassen, ook niet met een speciaal wasmiddel – al beweren buitensportzaken van wel. De beste manier om een donzen slaapzak schoon te houden is hem in de zon te leggen en een vuile plek voorzichtig te borstelen. Maar ook zonder wassen merk je dat een donzen slaapzak na een paar jaar gebruik dunner en minder warm wordt. Het wordt tijd om hem te laten bijvullen met nieuw dons. Waardoor hij wel een stuk zwaarder en volumineuzer wordt. En weg is het voordeel van de donzen slaapzak.

Een tweede nadeel van een donzen zak is dat hij in vochtige en geplette toestand weinig warmte geeft. Dus moet de zak zorgvuldig droog en op volume gehouden worden. Thuis bewaar je een donzen zak zo luchtig mogelijk. En na samenpersing moet je dons ruim de tijd geven om weer op te bollen. Woelwaters zullen merken dat dit ook 's nachts geldt: wie veel rolt merkt dat geplet dons maar langzaam terugveert. Dit geldt vooral bij vochtig weer, net boven het vriespunt. Maar voor poolreizen onder nul is een donzen zak onovertroffen – niet zozeer om de lage temperatuur, maar omdat de lucht bij vrieskou zo droog is.

Aanvankelijk was synthetische vulling van slaapzakken inferieur spul vergeleken bij dons. Maar de holle polyester vezels zijn tegenwoordig bijzonder goed. De oude, stijve matten die bijna onsamendrukbaar waren – en die van die kille holtes vormden in de zak – zijn vervangen door soepel materiaal dat bijna net zo valt als dons.

Maar al deze verbeteringen ten spijt: goed nieuw dons is lichter en beter samendrukbaar. Een even warme synthetische zak is zo'n kwart tot de helft zwaarder en volumineuzer dan een donzen slaapzak. Het scheelt een paar honderd gram en zeker een liter. En het scheelt ook zo'n 200 tot 300 euro, genoeg om eventueel een grotere rugzak te kopen in plaats van een minder volumineuze slaapzak.

Wie niet hoeft te woekeren met gewicht en volume (thuis, caravan, boot) is het best af met een dekenmodel. Daarin krijg je niet zo'n benauwd gevoel. De zak is opengeritst ook als deken te gebruiken. Maar lichtgewichtkampeerders zullen een mummiemodel kiezen. Een goede mummiezak heeft een korte rits tot boven de knie, een voetenvierkant voor voldoende teenruimte, en een verstelbare capuchon.

Een zak met een vulling van 350 gram/m² is meestal wel geschikt voor de winter. Minder kan ook, maar neem dan een warme trainingsbroek, een fleecetrui, warme sokken en een fleecemuts mee. Dat is heel wat handiger dan een warme binnenzak – kleren kun je ook overdag gebruiken.

Bij donzen slaapzakken komt het aan op een schotjessysteem en een zeer goede tijk. Uit ieder gaatje komen donsveertjes. Meestal wordt er een goede kwaliteit katoen voor genomen, soms een synthetisch materiaal als pertex, een lichte, warme textielsoort gebaseerd op microvezels. Nylon is warm, licht, schoon maar broeierig, hooguit geschikt als buitentijk.

Twee dekenzakken met een linker- en een rechterrits kun je koppelen. Meestal koop je zo'n paar in één koop. Zoiets doe je niet voor de warmte – door het `gat' aan de bovenkant dat steeds tussen de slapers ontstaat, komt veel kou naar binnen. Maar het valt een keer te proberen: als het niet bevalt, maak je er weer twee eenpersoonszakken van.

biersma@nrc.nl