Het Beeld

Er zijn heel wat studies geschreven over het verband tussen het Duitse filmexpressionisme en de Eerste Wereldoorlog, tussen de film noir en de Tweede Wereldoorlog en tussen de sciencefiction van de jaren vijftig en de Koude Oorlog. Ook fantastische films weerspiegelen de realiteit van hun eigen tijd, al spelen ze zich af in de hel of op een verre planeet.

Vannacht zond BBC2 een documentaire uit over de veel minder beschreven samenhang tussen de Vietnamoorlog en een reeks even vernieuwende als gruwelijke, maar inmiddels klassieke Amerikaanse griezelfilms uit de periode 1968-'78. In The American Nightmare, vier jaar geleden samengesteld door Adam Simon, die al eens op IDFA een juryprijs won voor The Typewriter, the Rifle and the Movie Camera over journalist, militair en filmer Samuel Fuller, komen alle groten van de moderne horror aan het woord, naast filmwetenschappers en een liefhebber, regisseur John Landis.

Tobe Hooper, maker van The Texas Chainsaw Massacre (1974, verwijzend naar de oliecrisis), meent dat je er soms pas vele jaren later achterkomt waar een film nog meer over ging. Zo konden wij niet weten dat Tom Savini, specialist in griezelmake-up (uitpuilende darmen, aangevreten armen, gruwelijke wonden) zijn inspiratie vooral had opgedaan tijdens zijn diensttijd in Vietnam. En hadden we er nooit bij stilgestaan dat de Afrikaans-Amerikaanse hoofdpersoon in de zombieklassieker Night of the Living Dead (George A. Romero, 1968), bedreigd door lynchpartijen, direct verwees naar de strijd voor burgerrechten. En dat het geweld in het in Nederland nauwelijks bekende The Last House on the Left (Wes Craven, 1972) citeerde uit Vietnamreportages. De Canadees David Cronenberg, die in Scanners (1981) zo overtuigend hoofden liet ontploffen, heeft zich altijd beziggehouden met lichamelijkheid en politiek en introduceerde in Shivers (1975) ,,een parasiet die de wereld in een grote orgie zal veranderen''. En je hoeft geen marxistisch exegeet te zijn om in de zombies in het winkelcentrum (Dawn of the Dead, 1974) kritiek op het consumentisme te ontdekken.

In zijn uitnemende en aanstekekelijke documentaire essay toont Simon en passant ook aan dat griezelfilmers gemiddeld linkser zijn dan bijvoorbeeld makers van westerns of komedies. Craven en Cronenberg zijn nog steeds vooraanstaande liberalen, de anderen lijken geen Bush-stemmers.

De eerste Golfoorlog leidde tot een verheerlijking in films en computerspelletjes van militaire technologie, van precisiebombardementen op afstand. Hoe zal de nog niet helemaal voltooide oorlog in Irak tot fictie verwerkt worden? Een nieuwe griezelcyclus lijkt onvermijdelijk, want het verdelgen van lijken dringt nu al tot de journaals door, terwijl Amerika zich laaft aan de sadomasochistische fictie van The Passion of the Christ. Maar het meest herkenbare beeld van die oorlog wordt misschien wel de blik door de nachtkijker, bij invallen in huizen van burgers. Woedende blikken van vrouwen en kinderen, afwezige mannen: daar valt een uitstekende griezelfilm op te baseren.