Hartelijkheid rond Het Kanaal

Na een eeuw `Entente' is ambivalentie tussen Groot-Brittannië en Frankrijk nog altijd troef en blijven ze tot elkaar veroordeeld – als de beste vijanden.

Als koningin Elizabeth II een geheimpje had te delen met wijlen haar moeder en zuster sprak ze Frans. Tot grote ergernis van haar gemaal, prins Philip, die geen Frans kent. Of de Britten, die alles weten over hun royals, ook van dit feit op de hoogte zijn, is onduidelijk. De Fransen weten het in elk geval wel. Elke krant memoreert het `vloeiende' en `perfecte' Frans van de vorstin – en zwijgt over haar zware accent – nu zij in Frankrijk is voor een driedaags staatsbezoek, ter viering van de honderdste verjaardag van het Entente Cordiale-verdrag. En wisten we trouwens dat dit haar vierde staatsbezoek is aan Frankrijk, dat daarmee het enige land ter wereld is dat de koningin zo vaak ontvangen heeft?

Gisteren kwam Elizabeth II dus voor de vierde keer aan in Frankrijk; voor het eerst per Eurostar-trein, een speciale, want voorzien van Franse en Britse vlaggetjes en `Entente Cordiale' gedoopt. Het `hartelijke verbond' is een van de eerste internationale vriendschapsverdragen, afgesloten ingevolge een vurige wens van Elizabeths overgrootvader Edward VII. Niet alleen wilden Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk in 1904 met een verdrag een punt zetten achter de geschillen over hun koloniën. De Entente Cordiale – zoals het aan béide zijden van het Nauw van Calais heet – legde ook de basis voor het Frans-Britse bondgenootschap tegen Duitsland in de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Later leidde het ook tot gezamenlijke projecten als de Kanaaltunnel en de Concorde.

De door de leiders gesloten Entente is niet zonder gevolgen gebleven voor beide volken. Britten bewonderen de vlekkeloze Franse TGV, de gezondheidszorg en het Franse leven. De jaarlijkse vakantie-exodus van twaalf miljoen Britten en het grote aantal Britten met een tweede huisje in Pas-de-Calais en de Dordogne getuigen ervan. Omgekeerd werken steeds meer Fransen in het Verenigd Koninkrijk – en niet alleen beroepsvoetballers en obers –, spelen Franse bedrijven een hoofdrol in de Britse economie en bewonderen Fransen ongegeneerd La Souveraine Elizabeth, misschien wel omdat ze hun eigen koningin het hoofd hebben afgehakt. Beide landen zijn de enige kernmachten in Europa, drinken per hoofd van de bevolking evenveel alcohol, haalden in totaal ongeveer evenveel medailles bij de Olympische Spelen en lenen elkaars nuttigste woorden, van le sexy weekend tot, inderdaad, the Entente Cordiale.

Maar ondanks die successen noemt Denis MacShane, staatssecretaris voor Europa en een van de weinige Britten die wel vlekkeloos Frans spreken, het staatsbezoek ,,een geweldige kans om elkaar beter te leren begrijpen''.

De historische kloof is dan ook groot. Jeanne d'Arc en de honderdjarige oorlog via de Scarlet Pimpernel in de Franse Revolutie, de oorlogen met Napoleon hebben daaraan bijgedragen, evenals, recenter, de rundvleesboycot en de ruzie over Irak. Premier Tony Blair gelooft nog altijd dat Jacques Chirac hem in de Irak-crisis beentje heeft willen lichten door de `tweede VN-resolutie' te saboteren, louter en alleen omdat de president zijn positie als `natuurlijke leider van Europa' bedreigd zag. [Vervolg ENTENTE CORDIALE: pagina 4]

ENTENTE CORDIALE

Een liefde tussen frogs en rosbifs

[Vervolg van pagina 1] Periodiek gaat het mis en slaan beide landen elkaar met de bekende clichés om de oren: de knoflookvreters tegen les rosbifs, de lafaards aan het front van 1940 tegen de `natie van middenstanders', billenknijpers tegen stiekeme homo's. Frog (kikker) is een scheldwoord dat aan de ene kant van Het Kanaal geen enkele toelichting behoeft, anglosaxon verwoordt eenzelfde soort afkeer aan de andere kant.

De Britten speuren vanouds naar verraad: van het `non' van De Gaulle tegen het Britse lidmaatschap van de EU tot het leveren van Franse Exocet-raketten aan Argentinië tijdens de Falklandoorlog. De Fransen haten al vijftig jaar lang de transatlantische reflexen van het perfide Albion en geloven, met enig recht, dat de Britten de Duitsers en Fransen uiteen proberen te spelen in Europa.

De aanvaring van vorig jaar over Irak was een dieptepunt. Chirac en Blair hebben verzoenende geluiden gemaakt en (met bondskanselier Schröder) een eigen top gehouden. Maar hoe wankel de verhoudingen nog steeds zijn, blijkt uit het ontbreken van Blair bij het bezoek. Bovendien kon Chirac maar één dag voor de majesteit vrijmaken.

Zelfs in de tijdens het staatsdiner van gisteravond uitgewisselde loftuitingen klonk iets van de rivaliteit door. Zeker, ,,u, de Britten, hebt het vuur van het verzet veiliggesteld in de zwartste periode van de geschiedenis'', zo stelde Chirac in zijn korte tafelrede. Maar het compliment werd dubbelzinnig door de toevoeging, dat ,,het eeuwige Frankrijk'' daar moed uit had geput. Realisme noopte zelfs zijn boven de politiek verheven gaste tot een constatering die niet geheel vrij was van tegenstrijdigheden: ,,Al heeft de geschiedenis rivalen van ons gemaakt, we moeten voortaan onder ogen zien, net als onze voorouders een eeuw geleden deden, dat wij natuurlijke partners zijn in Europa en in de wereld van de 21ste eeuw.''

Sinds premier Edward Heath, begin jaren '70, heeft het Verenigd Koninkrijk niet zo'n `Europese' premier gekend als Tony Blair. Maar zijn liefde voor het continent is bekoeld. Toetreding tot de eurozone is niet langer urgent. De Britten hebben een betrekkelijk gunstige economische positie in Europa; Frankrijk heeft een twee keer hogere werkloosheid en staatsschuld. Blairs politieke isolement is tegen zijn wil in vergroot. De regeringswisseling in Spanje maakt van een verklaard transatlantische vriend een vage continentale kennis. Derde-wegger Blair – om die reden overigens bewonderd door de uit opportunisme rechts-linkse Chirac – maakt zich bovendien zorgen over de Europese kongsi tussen uiterst rechts en links, op bijna perverse manier verenigd in haat tegen Amerika en de globalisering.

Het neemt niet weg dat de Frans-Britse militaire samenwerking een succes is en voortschrijdt. Naast de splijtzwam Irak zijn er gebroederlijke operaties in Kosovo, Bosnië, Afghanistan. Het Franse Thales deelde mee in de grootste marine-order in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk koos daarna voor een deels Brits ontwerp vliegdekschip.

Had er vanzelfsprekende vriendschap bestaan, dan was de hele entente overbodig geweest. De ambivalentie is nog steeds van kracht. Analisten wijzen op het welbegrepen eigenbelang van zowel Britten als Fransen. In een uitgebreide EU staat het natuurlijke leiderschap van Frankrijk op z'n zachtst gezegd onder druk. De Britten zijn anderzijds onder druk van de globalisering niet meer zo verknocht aan hun splendid isolation. De Irak-crisis is bovendien weliswaar conflictueus geweest, maar ook leerzaam. Het besef dat er niets anders op zit dan samen te werken, met Duitsland als derde grote, is aan beide zijden van Het Kanaal springlevend. Voorlopig blijven ze, net als vroeger, tot elkaar veroordeeld, als de beste vijanden.