Steekspel rond nieuwe IMF-man

De EU-ministers van Financiën hebben hun besluit over een kandidaat-topman voor het Internationaal Monetair Fonds (IMF) twee weken uitgesteld. Zij slaagden er dit weekeinde tijdens een informele Ecofin-bijeenkomst niet in om een keuze te maken tussen de Spanjaard Rodrigo Rato en de Fransman Jean Lemierre.

De Britse minister Gordon Brown, voorzitter van het bestuursorgaan van het IMF, peilt onder IMF-leden wie van de twee de meeste steun heeft. De EU-ministers zullen in de marge van de jaarvergadering van de Oost-Europabank op 18 en 19 april hun definitieve kandidaat aanwijzen, een week voor de voorjaarsvergadering van IMF en Wereldbank.

De Spanjaard Rato, die nu minister van Financiën is, heeft de steun van kleinere lidstaten als Nederland en België. Duitsland steunt de Fransman Jean Lemierre, die nu president is van de Oost-Europabank. Volgens de Ierse minister en voorzitter, Charlie McCreevy, gaat het om de vraag of de nieuwe IMF-topman meer een politiek of een technisch profiel moet hebben.

Bij veel ministers bestaat ongenoegen, omdat achter de kandidatuur van Lemierre een Frans-Duitse deal over hoge posten wordt vermoed. Zo zou Duitsland steun van Frankrijk krijgen voor een Duitse kandidaat voor `super-Commissaris', die in de nieuwe Europese Commissie het economisch beleid moet coördineren. De Britse minister Brown onderstreepte dat bij de IMF-kandidatuur ,,meer transparantie'' is vereist. Alle EU-ministers gaan ervan uit dat de traditie blijft dat de managing-director van het IMF een Europeaan is, omdat de Wereldbank altijd door een Amerikaan wordt geleid.

De Ecofin-ministers hadden dit weekeinde ook een eerste debat over de EU-meerjarenbegroting. Zij bleken, zoals verwacht, sterk verdeeld over deze zogenoemde `financiële perspectieven' voor 2007-2013. De zes nettobetalers aan het EU-budget (Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Nederland, Oostenrijk en Zweden) herhaalden het standpunt dat de uitgaven moeten worden beperkt tot 1 procent van het bbp. Zij willen de uitgaven voor structuurfondsen (geheel) beperken tot arme regio's in de tien nieuwe lidstaten. Vooral Spanje en Griekenland verzetten zich hiertegen. De Europese Commissie wil de uitgaven opvoeren van 100 miljard per jaar nu naar 143 miljard euro per jaar in 2013, wat neerkomt op gemiddeld 1,15 procent. Volgens de Commissie is meer geld nodig wegens de EU-uitbreiding en prioriteiten als innovatie, veiligheid en justitie.