Marabunta!

`Tenzij ze van richting veranderen, en er is geen enkele reden waarom ze dat niet zouden doen, bereiken ze jouw plantage. Over twee dagen, op z'n laatst.''

Zo begint het verhaal `Leiningen tegen de mieren' waarvan hier vorige week sprake was. Marabunta, het mierenleger in zijn onstuitbare opmars. Leiningen, zo heet deze planter, wordt door het Braziliaanse districtshoofd gewaarschuwd dat het zover is. Ze zijn in aantocht. Evacueren, en wel zo gauw mogelijk. Dat is het enige wat erop zit. De planter denkt er niet over. Nog geen kudde sauriërs kan hem van zijn gebied verjagen. Ik kan me dat goed voorstellen. Aanvallers met bebloede koppen afslaan, dat is een van de manieren waarop je het leven zin geeft.

In dit geval verklaart het districtshoofd hem voor gek. ,,Dat zijn geen wezens waartegen je vechten kunt. Tien mijl lang, twee mijl breed. Mieren, niets dan mieren! En stuk voor stuk monsters uit de hel. Voor je drie keer kan spugen eten ze een volwassen buffel tot het geraamte schoon op.'' Zo zal het dan ook met Leiningen en zijn hele plantage gaan. Maar hij blijft eigenwijs. Hij gaat de confrontatie aan. En in het gruwelijk gevecht met de mieren blijven hij en zijn medestrijders ten slotte overeind! Het loopt goed af. Het verhaal is van de Amerikaanse schrijver Carl Stephenson; in 1938 gepubliceerd in Esquire en in Nederlandse vertaling opgenomen in de bundel `Dierenverhalen uit de wereldliteratuur', verschenen bij Bruna, zonder jaartal. In 1954 is er een film van gemaakt, The Naked Jungle, met onder anderen Charlton Heston.

Tot zover deze wetenschap die ik met hulp van u, lezers, heb verzameld. Marabunta blijkt een gegeven, of een verhaal te zijn dat in het geheugen blijft haken. Mij schoot het weer te binnen nadat ik had gelezen dat omstreeks 2015 ons land misschien zal worden bedreigd door de reuzenkrabben die nu uit de Noorse wateren hun tocht naar het zuiden zijn begonnen. Over de vraatzuchtige mieren had ik – dacht ik – gelezen in een blaadje, De Humorist, dat bij het vooroorlogse Panorama was ingesloten. Op de achterkant stond de strip Frederik Fluweel, van de Amerikaanse tekenaar Webster. In het oorspronkelijk heet Frederik Mr. Milktoast.

Het geheugen is een schemerige rommelzolder. Alles ligt er, maar je moet het bijtijds kunnen vinden. Ik kreeg een brief van iemand, geboren in 1933, die vermoedt dat hij het marabunta-verhaal in het weekblad voor de jeugd Doe mee! heeft gelezen. (`Doe mee met Doe mee, en maak je vriendje abonnee' – en word lid van de Popeye Club.) Ook dat lijkt me heel goed mogelijk. Een verhaal van dit genre is een uitnodiging om te worden naverteld of geplagieerd. Instellingen die mondiaal op je copyright letten had je toen nog niet. Meer lezers schreven dat ze het hier of daar hadden gelezen; dat ze er toen niet van konden slapen, en zich dat nu nog goed herinneren. Zulke brieven zijn de beloning van de stukjesschrijver.

Maar afgezien daarvan. Dit alles komt uit het pre-televisietijdvak. Nico Scheepmaker heeft eens een kind geciteerd dat aan zijn ouders deze vraag stelde. ,,Waar keken jullie naar als je naar de radio luisterde?'' Ze wisten het niet. Wat deden de kinderen toen? Ze lazen ,,alles wat los en vast zat''. Illustraties konden helpen, maar de levende beelden kwamen vanzelf, hoe angstaanjagender, hoe levender. Met dankbaarheid herinner ik me Het verstoorde mierennest van Kees van Bruggen. De aarde is in de giftige staart van een planeet terechtgekomen. Een mijnwerker die diep onder de grond bewusteloos is geraakt, en een meisje van adel, nog onder narcose na haar blindedarmoperatie, brengen het er levend vanaf en starten, zoals we nu zeggen, de nieuwe mensheid. Of: starten de nieuwe mensheid op. Daaruit onstaat allerlei klassieke misère die ik u zal besparen.

Mij zou het niet verbazen als John Wyndham door het Mierennest is geïnspireerd bij het schrijven van zijn The Day of the Triffids. Ook in dat boek is er sprake van een hemelverschijnsel. Felle kleuren verlichten het uitspansel. Iedereen wordt blind, behalve degenen die sliepen, bewusteloos waren, niet keken. De triffids zijn planten die een beetje op hun wortels kunnen lopen en bovendien een giftige angel hebben. Het verhaal zit zeer vernuftig in elkaar, en ook hier heb je geen film of televisie nodig om je de verschrikkingen te kunnen voorstellen. Ook bij Wyndham komt de mensheid er weer bovenop.

Ik vraag me wel eens af wat er zou gebeuren als een Sickbock-achtig genie een straal zou ontwikkelen waarmee hij alle elektronische en elektrische communicatie kon verlammen. Geen beelden meer. In het begin kan niemand dat geloven. Men wil elkaar bellen, om te vragen of de televisie het daar wel doet. Nee. Langzaam dringt de rampzalige waarheid door. Alle beeldschermen op zwart, geen mobieltjes, geen sms'jes, geen radio. De hele beschaving teruggeworpen in een toestand van niet meer dan een jaar of tachtig geleden. En dan komt uit het oosten de megamarabunta terwijl uit het westen de reuzenkrabben aan land gaan.

Keihard aanpakken! klinkt het uit Den Haag en verscheidene denktanks. Maar niemand hoort of ziet het.