In en om de loopgraven

De soldaten klimmen de loopgraaf uit, rennen het niemandsland binnen, fonteinen van aarde schieten omhoog. Alle beelden zijn in nuancen van grijs, de bewegingen zijn wat houterig. Dan weet je dat je een oorlogsjournaal uit de Eerste Wereldoorlog ziet. Mis. Het is wel een film uit die tijd, maar de hele zaak is in scène gezet door de propaganda-afdeling van een der belligerenten. Iedere oorlog wordt begeleid door leugens. De technische vooruitgang maakt het niet alleen mogelijk met minder wapens meer mensen sneller dood te maken, met een kundig gebruik van de audiovisuele middelen kan de oorlogsleiding het thuisfront ook beter voor de gek houden. Bij een oneindige vooruitgang van de techniek op alle gebieden kunnen we, consequent geredeneerd, de oorlog veranderen in een totale moord gepaard aan een totale oplichterij. In de Eerste Wereldoorlog zijn daarvan de grondbeginselen ontdekt.

Dit is één strekking van Pioniers van de oorlogsfilm, de documentaire van historicus Laurent Veray en scenarioschrijfster Agnès de Sacy. Ze hebben gebruikgemaakt van oorlogstaferelen die ten behoeve van de propaganda in scène zijn gezet, en ook authentiek materiaal gebruikt, live van het front. Van de bijzondere gruwelijkheid die deze oorlog kenmerkt, zijn we dankzij talloze boeken, films en musea goed op de hoogte. Er is zelfs een gespecialiseerd oorlogstoerisme naar de voormalige fronten. Voor wie er al een en ander van weet brengt deze film voornamelijk herkenning, en één verrassing.

Het verband tussen de grote verscheidenheid van filmfragmenten wordt gelegd via een gesproken tekst, ontleend aan de dagboeken van een Duitse en een Franse cameraman. Die overdenken de zin van hun werk, in welke mate ze medeplichtig zijn, ze ontdekken `de mens in de oorlog' waarbij beeld en tekst een paar ogenblikken van zeldzaam waarheidsgehalte opleveren. Bijvoorbeeld in het gezicht van een soldaat die verlegen glimlachend in de camera kijkt, hoopt dat zijn moeder in Nice hem in de bioscoop zal zien. Waarna vermeld wordt dat hij de volgende slag niet heeft overleefd. De dagboeken zijn fictief; ten behoeve van de documentaire geschreven.

De enige verrassing is gruwelijk. Aan het slot komen een paar veteranen in beeld, voorzien van gezichtsprothesen. Kaken, wangen, jukbeenderen, oren van kunststof. Ze kunnen er zelfs mee lachen. Dat is dan in 1918. Sindsdien is alle techniek met reuzensprongen vooruitgegaan. Het best kun je deze film bekijken als een waardevrije ode aan de technische vooruitgang.

Close-up: Pioniers van de oorlogsfilm, AVRO, Ned.1, 18.30-19.25u.