Een goede partij voor de dieren is automatisch een goede partij voor de mensen

De wet van Kousbroek luidt: in de delen van de wereld waar huisdieren worden gekoesterd is het leven nog het best uit te houden. De exploitatie van dieren is een onderdeel van de exploitatie van alles.

De voornaamste doelstelling van een Partij voor de Dieren moet natuurlijk zijn dat er meer dierenfoto's in de kranten komen, niet alleen van honden en katten, maar ook van bijvoorbeeld ezels. Dat is gewoon een kwestie van civilisatie. Als er foto's van ezels in de kranten staan dan weet je: hier ben ik in een land waar de mensen niet gestenigd worden.

Inderdaad, het is gewoon een kwestie van civilisatie, dat er een partij bestaat die zich bekommert om de manier waarop de dieren in onze samenleving worden behandeld. Er heeft zich in recente jaren wat dat betreft een catastrofe zonder weerga voorgedaan, massaslachtingen van gezonde dieren op een schaal die nooit eerder bestaan heeft, en het ongelofelijke is dat dat geen enkele politieke weerklank heeft gehad. Er zijn niet alleen in Nederland, maar in heel West Europa miljoenen dieren afgemaakt: voor niet één politieke partij was dat een onderwerp. Ik keek er, bij de laatste verkiezingen, de verschillende partijprogramma's op na: vergeefs, geen partij die zich er druk om maakte, het is een onderwerp dat geen rol speelt in de Nederlandse politiek. De mensen die er verantwoordelijk voor waren, worden er niet op afgerekend.

Je kunt daar een tekortkoming van onze beschaving in zien (dat doe ik ook) en er verontrust over zijn (dat ben ik ook), maar het roept ook nieuwsgierigheid op: hoe kan zoiets bestaan? Wat maakt het mogelijk? Welke gedaante heeft het voor de massa's mensen die zich er niet druk om maken? Hoeveel erger moet het nog worden voor de mensen tot de conclusie komen dat er iets verschrikkelijks gebeurt? Heeft de dood van zoveel dieren voor hen geen betekenis?

Kennelijk niet, en dat is een weerspiegeling van het feit dat zich in onze maatschappij nooit een moraal met betrekking tot dieren heeft ontwikkeld. Behalve dat het verbod om te werken op de sabbat ook voor de os en de ezel geldt, bevat onze judeo-christelijke cultuur geen richtlijnen over de behandeling van dieren. Er is alleen de beschamende licence to kill van Genesis 9 vers 2: ,,Uwe vrees en uwe verschrikking zij over al het gedierte der aarde en over al het gevogelte des hemels; in al wat zich op de aardbodem roert, en in alle vissen der zee; zij zijn in uwe hand overgegeven''.

Voor zover het waar is dat onze normen en waarden judeo-christelijk van oorsprong zijn, moge hieruit blijken hoe achterlijk die normen en waarden zijn; en wie zou zich daarover verwonderen? Hoe zouden de opvattingen van een herderscultuur uit de bronstijd de morele criteria kunnen leveren voor kwesties als de noodzaak van het vaccineren of de ontoelaatbaarheid van de bio-industrie?

Daar ligt derhalve wat mij betreft het werkterrein van een Partij voor de Dieren; het maakt duidelijk waarom met het redelijk behandelen van dieren ook de beginselen van een menselijke en verstandig ingerichte maatschappij aan de orde zijn. De juistheid van wat tot mijn genoegen wel eens de Wet van Kousbroek is genoemd: in de delen van de wereld waar huisdieren worden gekoesterd is het leven nog het best uit te houden, is dus geen toeval. Daar waar de dieren het best worden behandeld, is de kans het kleinst om door de geheime politie van je bed te worden gelicht of je te bevinden in een staat waar op vrouwen wordt neergekeken, waar corrupte politici aan de macht zijn en geen ziekteverzekering bestaat.

Kortom, een goede partij voor de dieren is automatisch een goede partij voor de mensen, dat is een soort bijproduct, het gaat in één moeite door. Er is ook werkelijk een samenhang: de exploitatie van dieren is een onderdeel van de exploitatie van alles, het illustreert de noodzaak om bepaalde onderdelen van de samenleving te onttrekken aan wat door sommige mensen de wet van de markt wordt genoemd – dat wil zeggen de dictatuur van het geld.

Voor een goed begrip: ik ben geen vegetariër, ik stel dieren niet boven mensen,de discussie gaat niet over een verbod op het doden van kakkerlakken en huisvliegen en ik ben geen lid van de Dierenbescherming.

De Dierenbescherming is de organisatie die een paar jaar geleden op het hoogtepunt van de varkenspest-epidemie een grootscheepse campagne tegen het klonen ontketende. Een campagne die veel geld moet hebben gekost en waarbij gebruik werd gemaakt van de meest abjecte demagogie. Bij dit soort campagnes wordt bewust gespeculeerd op de angsten levend bij het grote publiek tegenover onbegrepen ontwikkelingen als `genetische manipulatie', `biotechnologie', `klonen' en wat dies meer zij.

Het is belangrijk om te begrijpen dat dieren niet kunnen worden gered of beschermd door onkunde en sentimentaliteit. Mijn bezwaar tegen de bestaande Dierenbescherming is dat het geen zin heeft, zoals Daniel Dennett heeft gezegd, om de dingen die je wilt verdedigen te beschermen met obscurantisme. Dat is nu juist wat de mensen incompetent en weerloos maakt tegen de werkelijke problemen, zoals bijvoorbeeld de politiek van de overheid met betrekking tot het vaccineren, en bovenal het manipuleren van consumentengedrag.

Kortgeleden verscheen in de pers een bericht luidend: ,,Vleesactie supers is slecht voor kwaliteit – De vleesactie van Albert Heijn kan kwaliteitseisen op het gebied van dierenwelzijn, voedselveiligheid en milieu onder druk zetten. Dat hebben landbouworganisatie LTO en Platform Biologica voor de biologische landbouw gisteren gezegd. LTO noemt de actie een `verkeerd signaal' aan de consument.'' (ANP, 10.3.2004)

Dit nu is een voorbeeld van een werkelijk probleem. Het drama is dat de befaamde `tucht van de markt' leidt tot de druk om steeds goedkoper vlees te produceren, met funeste consequenties voor iedereen behalve de betrokken firma's. Niet alleen de fatsoenlijke veehouderij, maar een hele landelijke cultuur wordt systematisch om zeep gebracht. De eerlijkheid gebiedt overigens te zeggen dat deze wantoestanden vooral mogelijk zijn doordat er zoveel onnozele burgers bestaan die je van alles wijs kunt maken, niet alleen door hun gebrek aan kennis, maar ook omdat hun manier van denken hen weerloos aan dit soort bedrog overlevert. `De consument' is meestal een koopjesbeluste veelvraat wiens toch al rudimentaire kritische vermogens met praatjes over klonen en genetische manipulatie om de tuin worden geleid.

Het bestrijden van dit soort wantoestanden is een voorbeeld van hoe een verlichte dierpolitiek veel verder reikt dan alleen maar het beschermen van dieren. Het is duidelijk dat niet alleen intensieve voorlichting aan de consument, maar ook stringente wetgeving om de grote firma's te dwingen om het pad van het fatsoen te blijven bewandelen hier de noodzakelijke politieke maatregelen moeten zijn.

Na dit alles vooropgesteld te hebben spreekt het natuurlijk vanzelf dat de biotechnologie, het klonen en de genetische manipulatie onderworpen behoren te zijn aan humane richtlijnen, gebaseerd op zorgvuldige afwegingen en wetenschappelijk inzicht.

Zo ongeveer stel ik mij een politiek voor, gebaseerd op liefde voor dieren – die overigens ook nog van een andere kant wordt bedreigd; er bestaat ook een zekere neiging om liefde voor huisdieren te denigreren, voor te stellen als het koesteren van surrogaatkinderen, het gedrag van verwende en eenzame mensen.Een speciaal onplezierige variant is deze uitspraak van Gerry van der List, in Elsevier: ,,Het maatschappelijk onrecht is blijkbaar dermate gereduceerd dat mensen zich concentreren op niet-menselijk leed, uit behoefte om uiting te geven aan hun engagement.''

Paul Léautaud heeft eens geschreven dat het zinloos is om te proberen mensen die niet van dieren houden tot dierenliefde te bekeren. Maar het vervelende is dat zij òns juist zo vaak willen bekeren.

Een dierenpartij, dat is een partij voor verstandige mensen. Veel mensen zeggen: ja, leuk! Maar als het straks op echt stemmen aankomt zul je me toch moeten excuseren. Hans Ree, in een van zijn betreurde columns, schreef eens: Je zou een politieke partij op willen richten die de waarden van de zachtheid, de inschikkelijkheid en de traagheid vertegenwoordigt. Die partij zou natuurlijk hard uitgelachen worden, maar er is een grote behoefte aan.

Rudy Kousbroek is schrijver, essayist en lijstduwer van de Partij voor de Dieren