Consolidatie mobiele telefonie blijft uit

Een tijd lang leek het alsof de verhitte veiling van het Amerikaanse AT&T Wireless een consolidatiegolf in Europa teweeg zou brengen. Het eveneens Amerikaanse Cingular Wireless moest er een fors bedrag voor neertellen - 41 miljard dollar, bijna achtmaal de verwachte winst vóór rente, belastingen en afschrijvingen over volgend jaar. Nog geen drie dagen na het beklinken van de overeenkomst, kwam naar buiten dat het Nederlandse KPN een bod van zo'n 9,5 miljard pond had uitgebracht op de Britse aanbieder van mobiele telefonie MMO2.

Als die transactie was doorgegaan, zo dachten licht ontvlambare types, dan had dat kunnen leiden tot een race om losse belangen. Daarmee had de pan-Europese consolidatie, die onvoltooid was gebleven na het uiteenspatten van de technologiezeepbel in 2001, eindelijk zijn beslag kunnen krijgen. Maar MMO2 wilde niet meewerken, waarschijnlijk omdat het wilde proberen elders nog meer in de wacht te slepen. Er is in Europa geen tekort aan ronddobberende mobiele belangen. Naast het al genoemde MMO2, waarvan de Duitse activiteiten goed zouden aansluiten bij die van KPN, zijn diverse dochtermaatschappijen van andere concerns mogelijk te koop.

Enel, het Italiaanse nutsbedrijf, heeft opnieuw gezegd zijn mobiele dochter Wind volgend jaar naar de beurs te willen brengen. Wind zou 12 miljard euro kunnen opbrengen op basis van de waardering van AT&T Wireless, maar in werkelijkheid zal het wel iets minder worden. Dan is er Auna, dat de zeggenschap heeft over het op twee na grootste mobieletelefoniebedrijf van Spanje, met een waarde van ongeveer 8 tot 10 miljard euro. Zijn eigenaren, twee nutsbedrijven en een bank, kunnen nauwelijks strategische beleggers worden genoemd. Bovendien liet Telecom Italia een optie om een belang in Auna te nemen in februari verlopen. Daardoor is het bedrijf feitelijk op de markt gekomen.

Vodafone zou graag het controlerende belang van Vivendi Universal in SFR, de op één na grootste aanbieder van mobiele telefonie in Frankrijk, overnemen. Maar Vivendi-topman Jean René Fourtou vermaakt zich kostelijk met het kat- en muisspel met zijn collega Arun Sarin van Vodafone. En hoe zit het met de derde Franse aanbieder, Bouygues Telecom? Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de eigenaren bereid zijn tot verkoop, zou Deutsche Telekom zijn hand afbijten als dat wel zo was, evenals wellicht het Spaanse Telefonica.

Wat is dan de oorzaak van de vertraging? Het voornaamste probleem is dat de twee grootste potentiële gegadigden, France Telecom en Deutsche Telekom, niet in de positie verkeren om toe te happen. Zij hebben hun balans weliswaar grotendeels weer op orde, maar beleggers kunnen zich de schuldencrises als gevolg van hun overnamemanie nog goed herinneren. Deze bedrijven kunnen nog wel een extra jaartje van winsten en dividenduitkeringen gebruiken voordat hun aandeelhouders de teugels laten vieren Dit heeft psychologische gevolgen voor potentiële verkopers. Zij zijn bang dat de afwezigheid van grote spelers op veilingen betekent dat er weinig tegen elkaar zal worden opgeboden. Zij zouden er wel eens beter aan kunnen doen af te wachten. Het feit dat Telefonica onlangs bijna 6 miljard dollar heeft uitgegeven aan Latijns-Amerikaanse belangen maakt de zaken er niet eenvoudiger op.

Een matte biedingsstrijd is niet het enige punt van zorg. De gunstige effecten van een pan-Europese consolidatie zijn momenteel theoretisch. Of de zo bejubelde voordelen van het op elkaar aansluiten van de diverse netwerken en het gezamenlijk inkopen van apparatuur opwegen tegen de ellende die fusies vaak met zich meebrengen, moet bewezen worden.

Sommige aanbieders, met name Telecom Italia Mobile, lijken er niets voor te voelen hun positie uit te breiden. De meeste telecombazen geloven er heilig in dat het in hun bedrijfstak om schaalgrootte gaat. Zij staan te popelen om groter te worden zodra ze dat van hun aandeelhouders mogen. De consolidatie van de mobieletelefoniesector kan dit jaar dus nog op zich laten wachten, maar de telefoonlijnen zullen waarschijnlijk over niet al te lange tijd weer druk bezet zijn.