Veelgevraagd

ING-bestuurder Alexander Rinnooy Kan staat op nummer negen in de `schaduwmacht top-tien' die GroenLinks deze week publiceerde. Parlementariër Wijnand Duyvendak onderzocht wie de afgelopen jaren de voorzitters waren van negentig door de overheid ingestelde onderzoeks- en adviescommissies.

Rinnooy Kan blijkt geliefd. Sinds 1996 leidde hij onder meer commissies die onderzoek deden naar het functioneren van onderzoeksorganisatie NWO, de zijwind-problematiek op Schiphol, het bachelor-mastersysteem in het hoger onderwijs en nu de publieke omroep. Als hij lid was geweest van CDA, PvdA of VVD en niet van D66, had hij nog veel meer commissies kunnen leiden.

Omdat Rinnooy Kan carrière maakte op drie terreinen in de wetenschap, in het maatschappelijk middenveld en in het bedrijfsleven komt hij ook voor veel commissies in aanmerking. Al vroeg in zijn carrière publiceerde hij ook over de verhouding tussen markt en publieke organisaties. Zo schreef hij in 1987 samen met de latere minister van Onderwijs Jo Ritzen `De ondernemende universiteit', een artikel waarin universiteiten worden aangespoord marktgerichter te opereren.

Een andere eigenschap die hem geschikt maakt voor commissies is zijn ongekende werklust. Behalve met tal van wetenschappelijke publicaties, zette hij zich in voor besturen van diverse stichtingen, zoals de stichting Christelijke literatuur over joden en jodendom en de stichting Wetenschapsweek.

Al op jonge leeftijd, 36, krijgt Rinnooy Kan zijn eerste belangrijke bestuurlijke functie. Hij wordt rector magnificus van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij speelt het daar klaar om in tijden van grote bezuinigingen (onder Deetman) nieuwe opleidingen toe te voegen, zoals journalistiek en informatica.

Later wordt hij onder meer commissaris bij Perscombinatie (uitgever van onder meer NRC Handelsblad en de Volkskrant). In 1991 verrast hij vriend en vijand met een overstap naar werkgeversverbond VNO. Hij vertrekt daar in 1996 nadat hij een fusie met het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond (NCW), had voltooid. Voordien waren enkele toenaderingspogingen gestrand. VNO ruilt hij in voor het bedrijfsleven.

Sinds 1996 heeft hij zitting in de raad van bestuur van bankverzekeraar ING. Er is eigenlijk nog maar één onontgonnen terrein op zijn cv: dat van de politiek. Zijn naam duikt geregeld op tijdens kabinetsformaties.