Tonnus Oosterhof

Eind dit jaar wordt de verkiezing van een nieuwe Dichter des Vaderlands georganiseerd. Het Cultureel Supplement publiceert wekelijks een gedicht om te helpen de gedachten te bepalen.

Ik leid de Koningin door mijn waterwoning

rond en rond, buig, buig, suja, en suja.

`Allemaal Nederland, Majesteit! Allemaal van U.'

Ze vindt een hoekje gezellig: `Hier ga ik slapen',

voegt de daad bij de Rijksvoorlichtingsdienst.

Zo dan slaap ook jij koningin van mijn hart

de tenen uit mijn pantoffels.

Ik hou van je zoals er altijd iets rechts is van wat er links van is

zo hou ik

Uit: Tonnus Oosterhoff, Wij zagen ons in een kleine groep mensen veranderen (uitg. De Bezige Bij, 2002)

De dichter-schrijver-essayist Tonnus Oosterhoff (1953) kreeg in 2003 de VSB-Poëzieprijs voor `Wij zagen ons in een kleine groep mensen veranderen', een bundel ontregelende, aan de muzikale en associatieve poëzie van Lucebert herinnerende gedichten die ook qua vorm experimenteel waren. Zo werd het bovenstaande gedicht voorafgegaan door drie in handschrift gedrukte woorden (VERGELIJKING SLAAP LIEDJE) die suggereren dat de dichter geen titel kon kiezen. Terwijl onder aan de bladzijde tussen haakjes – en ook in handschrift – de volgende toevoeging staat: `ik op mijn tenen weg... / komt mijn schrijfhand tussen de schuifdeur'. Bij de bundel, de vierde van Oosterhoff,was bovendien een cd gevoegd waarmee je op het scherm een aantal gedichten van vorm kon zien veranderen. Meer informatie op www.kb.nl/dichters