Suriname kan kiezen: oud of nieuw geld

Suriname heeft sinds enkele maanden een nieuwe munt: de Surinaamse dollar. De afgelopen weken werden de laatste dollarbiljetten geïntroduceerd. Maar de verwarring heerst bij jong en oud. ,,Meneer, ik ga er niets van begrijpen.''

Wat moet er worden afgerekend? Een broodje geroosterde kip met zuur. Een kleine loempia. Een flesje markoesa-sap. De verkoopster van de kleine lunchzaak in het centrum van Paramaribo schrijft het eindbedrag keurig op een bonnetje: 5.250 Surinaamse guldens, ofwel in 's lands nieuwe valuta: 5 dollar en 25 cent.

De klant kan kiezen. Of hij betaalt met het nieuwe geld. Of met het oude. Of met allebei. Want tot 1 juni mogen de guldens en dollars door elkaar worden gebruikt. Vandaar dat iedereen met verschillende bankbiljetten op zak loopt.

De klant zoekt in zijn portemonnee, nauwlettend in de gaten gehouden door de verkoopster. ,,U kunt die 10.000 geven'', oppert ze hulpvaardig als ze een oud guldenbiljet ontwaart. ,,Daar ben ik aan gewend.'' Ze krijgt haar zin. Maar nu moet het wisselgeld op tafel komen. De verkoopster rommelt in haar kassa, pakt een paar dollarmuntjes en wat oude guldenbiljetten. ,,U moet het zelf ook gaan checken, hoor'', zegt ze verontschuldigend, terwijl ze het geld over de toonbank schuift.

De nieuwe munteenheid, waarvan de afgelopen weken de nieuwste en laatste coupures werden ingevoerd, zit duidelijk nog niet tussen de oren van de mensen. Voor de grootste verwarring zorgt het naast elkaar bestaan van de twee verschillende valuta. De Centrale Bank van Suriname (CBvS) staat dat toe om de bevolking te laten wennen aan de nieuwe munt. Na 1 juni kunnen de oude guldens, tot en met 2034, alleen nog maar ingewisseld worden bij de CBvS. Maar deze maanden loopt alles dus nog door elkaar. In de praktijk, waar een biljet van 10.000 Surinaamse guldens net zoveel waard is als een briefje van 10 Surinaamse dollars, zorgt dat voor hilarische situaties. In winkels en supermarkten staan mensen soms minutenlang te delibereren en te rekenen over het wisselgeld dat deels in dollars, deels in oude guldenbiljetten wordt teruggegeven. Rekenmachines bij de kassa's zijn onmisbaar geworden.

Geslepen verkopers maken misbruik van de situatie door op een extra ingewikkelde manier (te weinig) wisselgeld terug te geven. Op de markt in de wijk Kwatta klaagt een oudere Creoolse vrouw steen en been: ,,Meneer, ik ga er niets van begrijpen. Ik moet ze maar geloven als ze dat wisselgeld voor me zetten.'' Inderdaad, zo blijkt bij rondvraag, zijn vooral ouderen de dupe van de verwarrende situatie.

De situatie is extra gecompliceerd doordat de CBvS gelijktijdig besloot het oude Surinaamse muntgeld, dat al jaren niet meer werd gebruikt, weer een rol te geven in het betalingsverkeer. De oude, door de geldontwaarding waardeloos geworden muntjes mogen nu worden gezien als dollar-centen, waardoor een muntje van 100 cent ineens 1 Surinaamse dollar (ongeveer 30 eurocent) waard is geworden.

[vervolg SURINAME: pagina 13]

SURINAME

Surinamer is verwarring wel gewend

[vervolg van pagina 11]

Een welkome aanvulling voor de vele mensen die nog muntjes in een oude sok bleken te hebben, maar ook een extra hindernis bij het dagelijkse betalingsverkeer. Wisselgeld kan je nu in drie verschillende gedaantes terugkrijgen: een (oud) guldenbiljet, een (nieuw) dollarbiljet en (hernieuwd) muntgeld.

Maar de Surinamer is wel aan verwarring en gedwongen aanpassingen gewend. En dus reageert hij zoals hij zo vaak reageert: kritisch, maar uiteindelijk gemoedelijk. De mensen brommen over ,,de puinhoop die de regering maakt'', en dat ,,het allemaal niets zal uithalen''. Tegelijkertijd is de stapsgewijze invoering van de nieuwe `SRD', zoals de munt wordt genoemd, relatief rustig verlopen. Ondanks de verwarring op straat en de niet vlekkeloze aflevering van de nieuwe bankbiljetten, zijn massale prijsverhogingen uitgebleven en is er geen sprake geweest van volksprotest, waarop de oppositie had gehoopt. De meeste Surinamers lijken in te zien dat een monetaire herschikking onvermijdelijk was. De gulden heeft, sinds de onafhankelijkheid in 1975, 300.000 procent aan waarde verloren. Doordat er de afgelopen decennia steeds maar geld werd bijgedrukt waren bevolking, banken en het bedrijfsleven gedwongen te werken met enorme geldbedragen. Eind vorig jaar circuleerden er meer dan negentig miljoen guldenbiljetten. De CBvS wil dat terugbrengen tot twintig miljoen. Er werden drie nullen geschrapt en de munt werd tot dollar herdoopt, wat een betere aansluiting moet geven in het Caraïbisch gebied.

Maar het belangrijkste doel van de regerende Nieuw Front-coalitie is om met de Surinaamse dollar meer vertrouwen te kweken. Toch is daarvoor méér nodig dan alleen het in het leven roepen van een nieuwe munt. De monetaire reserve is gelijkgebleven en de dekkingsgraad van de dollar is niet wezenlijk anders dan die van de oude gulden. Echt vertrouwen zal er pas komen als de regering-Venetiaan werk maakt van enkele nijpend grote economische problemen. Hoewel er sprake is van investeringen, zoals van een Canadees goudwinbedrijf en een ambitieus garnalenproject in West-Suriname, zijn enkele structurele knelpunten nog steeds niet aangepakt. Daarbij gaat het, bijna vier jaar na de verkiezingen, vooral om de drastische sanering van het enorme overheidsapparaat, de verhoging van de productiekracht, (gedeeltelijke) privatisering van staatsbedrijven, een ordelijke belastinginning en bestrijding van het zwarte (drugs)circuit. Vanuit oppositiepartij DA91 is dan ook gepleit om de grote omwisselingsoperatie te koppelen aan een `monetaire zuivering', die het zwartgeldcircuit zou moeten ontmantelen. Suriname kampt al jaren met een grote informele parallelle economie, waarin veel cocaïnegeld wordt witgewassen.

Maar het Nieuw Front heeft zo'n radicale stap niet durven nemen. Dat past in het patroon van de regering-Venetiaan die vaak gebrek aan daadkracht wordt verweten. Weliswaar is de monetaire stabiliteit weer redelijk hersteld, maar dat alleen is niet genoeg om een stevige economische basis te leggen. Voor het Nieuw Front rest nog een jaar tot de volgende verkiezingen van 2005 om te bewijzen dat de `dollarisatie' meer is dan slechts een cosmetische operatie.

Eerste aflevering van een serie reportages uit Suriname.