Europeanen zijn niet naïef

Hoe gaat Europa na de aanslagen in Madrid om met terreur? Minister van Buitenlandse Zaken Bernard Bot vatte voor een Amerikaans publiek zijn visie hierop samen. Hieronder een bewerking van zijn artikel vandaag in de Los Angeles Times.

Sommige Amerikaanse commentatoren hebben 11-M [de recente aanslagen in Madrid] beschreven als een test voor Europa's mannelijkheid, als een mogelijkheid voor Europeanen om de macht van Mars ten toon te spreiden en niet alleen de charme van Venus. Zij beschouwen de beslissingen die binnenkort moeten worden genomen over een blijvende aanwezigheid van Europese troepen in Irak, als de maatstaf hiervoor.

Maar wat betekent dat? Staat of valt de test met de vraag of onze troepen wel of niet in Irak gestationeerd blijven? Ik denk van niet. Sommige Europese landen hebben troepen in Irak, sommige in Afghanistan, terwijl anderen, zoals mijn land, troepen in beide landen hebben. Europese troepen zijn ook actief in veel andere regionen.

Europese troepen zullen in Irak blijven zolang Europese regeringen en hun parlementen van mening zijn dat hun soldaten een zinvolle taak hebben bij de wederopbouw van Irak tot een autonoom en vreedzaam land en, natuurlijk, zolang de Iraki's hun verblijf op prijs stellen. De roep om een sterkere en meer aanwezige rol voor de Verenigde Naties vanaf 30 juni – wanneer de autonomie wordt overgedragen aan de Iraakse interimregering – wordt gesteund door de gehele Europese Unie.

Om te weten wat de werkelijke test is, moeten we ons afvragen welk doel Al-Qaeda wil bereiken. Het programma van Al-Qaeda is eerder ideologisch dan politiek, eerder megalomaan dan concreet. Laten we het samenvatten als het streven naar de vernietiging van een samenleving die is gebaseerd op liberale democratie, fundamentele vrijheden en mensenrechten. Hiervoor in de plaats zou een soort middeleeuws kalifaat komen, in naam islamitisch, maar in essentie totalitair. In het Utopia van Osama Bin Laden is geen plek voor de vrijheid van meningsuiting, vrijheid van religie of gelijkheid tussen de sexen.

De ware test voor de EU-lidstaten en hun partners is om het terrorisme in alle varianten te bestrijden, met behulp van de juiste middelen en door precies die universele waarden en fundamentele vrijheden te verdedigen die Al-Qaeda wil vernietigen. De Europese Unie is een waardengemeenschap waarin geen ruimte is voor discriminatie die voortkomt uit religieuze of etnische achtergronden. Neem de beslissing met betrekking tot het EU-lidmaatschap voor Turkije. Deze zal niet worden genomen op basis van religieuze, maar op basis van politieke criteria die overeenkomen met de waarden die zijn vastgelegd in het EU-verdrag.

Op de bijeenkomst van de Europese Raad van regeringsleiders van 25 en 26 maart hebben EU-leiders verdere maatregelen tegen het terrorisme getroffen. Desalniettemin heeft de dreiging, waarmee wij worden geconfronteerd, vele gezichten. We kunnen de strijd tegen het terrorisme niet winnen als we die tegen het hoofd en het hart verliezen. We moeten beter begrijpen wat sommige jonge moslims ertoe brengt om zich bij Al-Qaeda aan te sluiten en hierop een effectief antwoord bedenken.

De EU stimuleert wederzijds cultureel en religieus begrip tussen Europa en de islamitische wereld. Het is mijn stellige overtuiging dat Europa's eigen moslimgemeenschappen in deze dialoog een cruciale rol spelen. Het spreekt voor zich dat deze dialoog er baat bij zou hebben als het Arabisch-Israëlische conflict – op dit moment een katalysator voor haatgevoelens – zou worden beëindigd. Dat is waarom de Europeanen in hun buitenlands beleid voorrang geven aan het vredesproces in het Midden-Oosten en waarom we Washington vragen hetzelfde te doen.

Europeanen zijn niet naïef. We realiseren ons dat onze liefde voor de vrijheid ons kwetsbaar maakt. Terroristen gebruiken de vrijheid in onze samenleving om diezelfde vrijheid te vernietigen. Dit is een assymetrische oorlog. Maar als een geciviliseerde samenleving beschaafd wil blijven, heeft het geen ander alternatief dan het recht te handhaven, zelfs in tijden van publieke nood. Mensen moeten in staat zijn om een onderscheid te maken tussen de gemeenschappen waartoe zij behoren en de terreurbewegingen voor wie het menselijk leven geen waarde heeft.

We houden van het leven, in tegenstelling tot de terroristen, die zeggen van de dood te houden. Wij hechten waarde aan het leven van al onze burgers, ongeacht hun etnische achtergrond, religieuze overtuigingen of seksuele voorkeuren. Het leven is kostbaar en een strijd waardig. De Europeanen zullen niet passief reageren op de dodelijke dreiging die is gericht op hen en hun kinderen. We zullen resoluut zijn in onze campagne tegen het terrorisme; door het terrorisme te bestrijden zullen we onze onvervreemdbare waarden behouden. Dat zou onze plechtige belofte moeten zijn aan iedereen in Europa die het terrorisme en de mogelijke terugval in Europese samenlevingen vreest. De ware test voor Europa zal zijn hoe we ons aan deze belofte zullen houden.