De lange adem van Tanja Chub

Tanja Chub (33) is de eerste vrouw die met mannen strijdt om de Nederlandse damtitel, de komende twee weken in Huissen. ,,Door dammen ben ik creatiever geworden.''

,,Mannen zijn strategischer dan vrouwen. Hun analyses gaan dieper. Ze zijn mentaal sterker en leveren in elke partij strijd. Ze tonen meer lef, terwijl vrouwen de stand op het bord simpel proberen te houden. Het competitie-element is bij mannen sterker aanwezig. Het heeft misschien met oude instincten te maken. Vroeger vochten ze om vrouwen'', probeert regerend Europees kampioene Tanja Chub het krachtsverschil te verklaren tussen mannen en vrouwen aan het dambord.

Chub verruilde in 1996 haar geboorteland Oekraïne voor Nederland en werd bij de vrouwen tweemaal Nederlands kampioen (1998 en 2001). Ze is de eerste vrouw in de damhistorie die bij de mannen aanschuift voor de strijd om de Nederlandse titel. Vorige maand gaf Chub in de halve finale negen mannen het nakijken en plaatste zich voor het NK in Huissen, dat zondag begint. ,,Het verbaasde me hoe blij de mannen waren voor mij. Ik kreeg geen reacties zoals `Wat moet een vrouw in de finale?'.''

In haar woonkamer staan veel dambekers. ,,Deze is niet mooi, wel heel belangrijk'', wijst Chub op een zinken damschijf op een stuk hout met het opschrift `Dammer van het jaar 2002'. De mooiste trofee is een abstract houtsnijwerk dat een barnsteen omarmt. Een aandenken aan de Europese titel in Litouwen (2002), de belangrijkste prijs die Chub heeft gewonnen.

Titelprolongatie op het EK voor vrouwen in Polen (september) staat hoog op haar verlanglijstje, evenals een goede prestatie dit NK. ,,Een goede graadmeter om te kijken wat ik waard ben. Na het Russisch kampioenschap is het NK het sterkst bezette nationale toernooi.''

Gevraagd naar haar kansen in een mannelijk deelnemersveld schiet Chub in de lach. ,,Daar ben ik niet mee bezig. Ik heb niets te verliezen. Ik wil inhoudelijk goede partijen spelen, kracht uitstralen en me richten op mijn sterkste punten. Die verklap ik niet. Ik wil niet dat ze van tevoren weten wat ik ga doen. Ik moet realistisch blijven. Op papier ben ik een van de zwakste deelnemers. Van mannen in de subtop kan ik winnen. Aan de top merk ik het verschil in analytisch vermogen.''

Hoewel ze haar kwaliteiten liever niet blootgeeft – ,,de sterke en zwakke punten van je tegenstanders kennen is belangrijk en over mij weten ze niet veel'' – noemt Chub wel haar doorzettingsvermogen en lange adem. ,,Ik ben geen groot talent, maar ik kan keihard werken om een doel te bereiken. Ik ben veel met het mentale aspect bezig om mijn zelfkennis te vergroten en mijn grenzen te leren kennen. Ik doe aan yoga en mediteer om geestelijk te ontspannen.''

Voor Chub gaat dammen verder dan het schuiven met schijven. ,,Een partij spelen is voor mij een manier om mijn gedachtewereld op het bord te zetten. Als je je spel ontwikkelt, blijf je mentaal ook in beweging.'' Om zich op het NK urenlang te kunnen concentreren op het dambord is een goede lichamelijke conditie daarnaast onontbeerlijk. Daarom wandelt en zwemt ze en doet ze aan fitness. Sluitstuk van haar voorbereiding is de techniek: het analyseren van eigen en andermans partijen.

,,Ik ben fulltime bezig met dammen'', vertelt Chub, die in 2001 de A-status kreeg van sportkoepel NOC*NSF en haar baan als radiodiagnostisch laborante in augustus 2002 opzegde. ,,Toen kon ik me volledig op dammen richten. In combinatie met een zware baan lukte dat niet. Tussen je 30ste en 35ste is de beste tijd om erachter te komen waar je grenzen liggen.''

Graag voegt Chub de wereldtitel toe aan haar erelijst, maar per 1 januari raakt ze de A-status en bijbehorende toelage kwijt. Ze is al op zoek naar werk en weet dat dammen wegens tijdgebrek op de tweede plaats zal komen. Chub troost zich met de gedachte dat ze ,,wel de status, maar niet het gevoel'' verliest dat ze alles uit haar spel heeft gehaald. Ze neemt het de dambond kwalijk dat die ,,alleen voor de mannen is opgekomen''. Zij behouden de A-status.

,,Ik vind het onrechtvaardig omdat vrouwen de laatste jaren grote titels naar Nederland hebben gebracht. Op het moment dat we alles hebben bereikt, zegt NOC*NSF dat dammen voor vrouwen geen toekomst heeft.'' Behalve op haar eigen Europese titel, doelt Chub op de eerste wereldtitel voor Nederland, die de van oorsprong Wit-Russische Olga Kamychleeva in december veroverde in Zeeland. Het vrouwendammen is door de komst, medio jaren '90, van een aantal topspeelsters uit de voormalige Sovjet-Unie met sprongen vooruitgegaan.

In de Nederlandse damwereld overheerst enerzijds enthousiasme over het gestegen niveau en de voortrekkersrol van onder meer Chub. Anderzijds klagen Nederlandse vrouwen over het grote krachtsverschil met de top. Heeft de `invasie' van de Sovjet-speelsters een schaduwzijde? ,,Ik erger me aan dat woord. In Oekraïne heb ik geen rechten en ben ik niemand meer. En dan word ik op een NK ook als indringster gezien. Maar als iemand van ons een internationale titel wint en het Wilhelmus klinkt, hoor je niemand'', zegt de houdster van een Nederlands paspoort in uitstekend Nederlands. ,,Als je van dammen topsport wilt maken, heb je vrouwen zoals wij nodig. Wij hebben er veel in geïnvesteerd.''

De harde leerschool in de Sovjet-Unie heeft van Chub een gedisciplineerde, stressbestendige dammer gemaakt. Ze leerde het spel als vierjarige van haar ouders en bezocht een damschool in Charkov. ,,Ik ben door dammen creatiever en evenwichtiger geworden'', blikt Chub ,,zonder spijt'' terug op haar damleven. ,,Ik had geen tijd voor de disco. De coach was streng. Maar we hadden privileges. We kregen honing en kaviaar en reisden naar andere Sovjet-republieken om toernooien te spelen. Bij mij in de klas zaten leerlingen die nog nooit de zee hadden gezien.''

Chub behoort nog tot de `gestaalde damkaders' uit de Sovjet-Unie. Inmiddels verkeren de damscholen in Oekraïne in staat van ontbinding. ,,Ze gaan dicht door geldgebrek en de coaches vertrekken naar het buitenland.'' Ze mist de warmte van de mensen in Oekraïne. ,,Daar kun je meer op elkaar leunen en bij elkaar uithuilen. Ik heb hier moeite met de afstand tussen mensen. Nederlanders hebben elkaar niet nodig om te overleven, want het gaat economisch goed. Ik was vorig jaar in Charkov en had in één dag meer kennissen dan hier in zeven jaar.''