VS schorten hulp aan Servië op

De Amerikaanse regering heeft met ingang van vandaag de financiële hulp aan de unie Servië-Montenegro opgeschort omdat Servië onvoldoende samenwerkt met het Joegoslavië-tribunaal.

Minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell oordeelde dat Servië niet voldoet aan de criteria van goede medewerking met het tribunaal; dat oordeel betekent onder de Amerikaanse wet automatisch de opschorting van financiële steun, met uitzondering van humanitaire hulp. Washington had voor Belgrado dit jaar 100 miljoen dollar uitgetrokken; daarvan is 43 miljoen dollar al uitgegeven. De opschorting heeft betrekking op de resterende 57 miljoen dollar.

De maatregel van Washington komt niet onverwachts. De pas onlangs aangetreden Servische premier Vojislav Koštunica is een verklaard tegenstander van het Joegoslavië-tribunaal en heeft gezegd geen Serviërs te willen uitleveren. Hoewel zijn coalitiepartners in de regering die mening niet delen, is die regering in het parlement afhankelijk van de socialisten van Slobodan Miloševic. Die maken hun steun aan de regering graag afhankelijk van haar beleid jegens het VN-hof. Eind vorige week besloot het Servische parlement zelfs de Servische verdachten die in Den Haag gevangen zitten een soort salaris toe te kennen.

De minister van Buitenlandse Zaken van de unie Servië-Montenegro, Svilanovic, zei dat die maatregel voor Washington mogelijk de druppel is geweest die de emmer heeft doen overlopen. Hij zei dat het bedrag dat Servië misloopt niet groot is; erger, zei hij, is dat de VS in alle grote financiële instituten kredieten voor Servië kunnen tegenhouden.

De moeite die men in Belgrado heeft met het thema oorlogsmisdaden werd gisteren nog eens onderstreept door het aftreden van de Servische procureur-generaal, Djordje Ostojic. Hij gaf `persoonlijke redenen' op, maar oud-minister van Justitie Vladan Batic zei dat hij aftreedt onder druk van de nieuwe regering, die het pas vorig jaar opgerichte speciale Servische tribunaal voor de berechting van oorlogs- en maffiamisdaden wil afschaffen. De opvolger van Batic liet maandag weten dat de regering van het speciale tribunaal – dat op dit moment de verdachten van de moord op premier Zoran Djindjic berecht – af wil.

In Den Haag noemde de woordvoerder van het Joegoslavië-tribunaal, Florence Hartmann, de relatie met Belgrado ,,heel zorgwekkend''. ,,De samenwerking is geruime tijd bevroren geweest in afwachting van een nieuwe regering [in Belgrado] maar nu die er is is er geen samenwerking'', zei ze. ,,Er zijn geen voortvluchtige verdachten gearresteerd en er is geen antwoord gekomen op onze verzoeken om hulp, waarvan sommige al een jaar geleden zijn gedaan.''