Gasboren

Volgens GroenLinks-Kamerlid Wijnand Duyvendak bestaat er een schaduwmacht van oud-politici die in tientallen commissies in achterkamertjes rapporten bekokstoven, met het gevaar dat allerlei belangen worden verstrengeld (NRC Handelsblad, 25 maart).

Ik heb zijn rapport gelezen. Duyvendak meent dat vooral de Kamer deze rol moet hebben en dat deze schaduwmacht moet ophouden. Als voorbeeld van verstrengeling noemt hij de Waddencommissie-Meijer, die zou worden bijgestaan door NAM-adviseur Van Dieren die, o erg, voorstander zou zijn van gasboren. Applaus verzekerd. Nu de feiten.

Ik ben geen NAM-adviseur. Ik ben niet voor of tegen gasboren. De commissie-Meijer gaat niet over gasboren. En mijn bureau voert niet het secretariaat van de commissie-Meijer.

Wat Duyvendak nergens in zijn eigen rapport zegt, is hoe goed of slecht al die rapporten dan wel zijn. Hebben deze prominenten hun huiswerk goed gedaan? Geen woord hierover.

De commissies ontstaan o.a. omdat er beleidsimpasses zijn waar niemand uitkomt, en in iedere cultuur wordt sinds eeuwen dan een raad van ouden of wijzen bijeengeroepen. Er zou bijvoorbeeld een wijze commissie moeten komen die een zeer serieus probleem moet analyseren: Kamerleden die van niks weten, die niets lezen, die alleen maar reageren op de waan van de dag, die geen gesprek aangaan, uitnodigingen tot gedachtenuitwisseling afslaan, slecht opgeleid zijn het Waddendossier is er vol mee.

Een commissie bestaande uit de toptien van ervaren oude wijzen die Duyvendak noemt, mag zich buigen over dit bestuurlijke probleem bij uitstek.