Een enorme kater aan Grieks(-Cyprisch)e zijde

De Turkse kant is tevreden over het Cyprus-plan van de Verenigde Naties; de Griekse bepaald niet. De vraag is nu: wat levert het komende referendum op?

Het open einde van de onderhandelingen over hereniging van Cyprus in Bürgenstock bij Luzern – geen overeenstemming en zelfs de precieze tekst van het plan van VN-secretaris-generaal Kofi Annan dat nu in een referendum aan de Cyprioten wordt voorgelegd, werd niet bekend gemaakt – gaat gepaard met grote voldoening aan Turkse kant en een enorme katerstemming aan de Griekse. De Turkse premier Erdogan sprak gisteravond voldaan een half uur tot de pers, de Griekse Karamanlis enkele minuten, waarin hij geen geheim maakte van zijn teleurstelling. Beide premiers betonen intussen dat de – verbeterde – Grieks-Turkse betrekkingen op zichzelf niet in het geding waren.

De Grieks-Cyprische president Papadopoulos sprak in het geheel niet, maar hij wordt de centrale figuur in de eindeloze deliberaties die de komende weken zullen woeden over het `ja' of `nee' bij het Grieks-Cyprische referendum op 24 april. De positieve uitslag van het gelijktijdige Turks-Cyprische is eigenlijk wel zowat zeker.

Het komt Papadopoulos tactisch slecht uit dat hij terugkeert op een eiland waar uitgerekend vandaag wordt herdacht dat 1 april 1955 de `vrijheidsstrijd' tegen het Britse koloniale bewind begon van de EOKA onder Grivas. Misschien zal de president zich van een advies blijven onthouden – ,,het is aan het volk, zich uit te spreken'' – maar ook dan zal uit zijn houding en uit gezegdes van zijn omgeving veel zijn op te maken. De publieke opinie op Grieks-Cyprus is uitermate negatief en het zal voor de twee grote partijen, de communistische regeringspartij Akel en de conservatieve Democratische Concentratie waartoe oud-president Kliridis behoort, uitermate moeilijk zijn hun aanvankelijke ja-oriëntatie vol te houden.

De voordelen van het feit dat de meest gehate factor, de Turks-Cyprische onderhandelaar Denktas sr. van het strijdtoneel lijkt te zijn weggevallen, zouden Grieken en Grieks-Cyprioten bij nader inzien nog tot andere gedachten kunnen brengen. Het Griekse parlement zal zich, evenals het Turkse, nog vóór het referendum moeten uitspreken over het aanblijven van (in aantal sterk verminderde) Turkse en Griekse troepen op het eiland. Het debat in Athene zal voor de Grieks-Cyprioten als een soort richtingaanwijzer kunnen dienen.

Waarschijnlijk zal de discussie op het eiland vooral gaan over de nadelige uitwerking van een `nee' op de publieke opinie in de EU waartoe Cyprus op 1 mei hoe dan ook toetreedt. Binnen de EU heerste een vrijwel eenstemmige instemming met het plan-Annan. Hoe zal het zijn, in die club tegen heug en meug te worden ontvangen? Nu al duiken onder de Grieks-Cyprioten stemmen op, een `nee' in ieder geval met de meest verpletterende meerderheid te laten horen, zodat het de nodige indruk maakt op de buitenwereld.

Een andere waarschuwingsfactor die meetelt is het besef dat afwijzing van het herenigingsplan kan leiden tot internationale erkenning van de `Turkse republiek Noord-Cyprus' door islamitische landen als Pakistan, Bangladesh en Maleisië. Dit zou de verdeling van het eiland verder bekrachtigen. Eén ding valt vast te voorspellen over het Grieks-Cyprische referendum: als het `ja' er toch uitkomt, zal dat voor alles een `nee' tegen de afwijzing zijn.

De regeringsgezinde Eleftros Tipos kwam vanmorgen in Athene met de kop `Dramatisch nee tegen de valstrik en de chantage'. Annan en zijn afgezant De Soto worden ervan beschuldigd zich niet in te zetten voor de belangen van de Cyprioten maar ze in dienst te stellen van de Amerikaans-Britse diplomatie die er voor alles op uit is Turkije op 1 december het groene licht te geven voor de EU. Daarnaast begint er in Griekenland een interne strijd nadat de nieuwe oppositieleider Jorgos Papandreou premier Karamanlis heeft verweten in Luzern te weinig actief te zijn geweest.