Brecht als flamenco-opera

Utrecht beleeft morgen de wereldpremière van het flamencospektakel `Madre' over een sterke moeder in oorlogstijd. Het is een bewerking van Brecht door danseres La Tati.

Madre, Moeder, heet de flamencobewerking die is gebaseerd op Bertolt Brechts Moeder Courage. ,,Een flamenco-opera over de rampen van de oorlog'', zo omschrijft Francisca Sadornil Ruiz (56), beter bekend als La Tati, haar theaterwerk dat morgen in de stadsschouwburg in Utrecht zijn wereldpremière viert in het kader van het Wereldmuziektheater Festival. We zitten in een café tegenover de dagmarkt van Anton Martín in Madrid. Om meerdere redenen een toepasselijke plek. Boven de markt is sinds een half jaar de nieuwe ruimte waar de Spanjes meest gevierde flamencoschool Amor de Dios is gevestigd. La Tati geeft er dansles. En een paar honderd meter verderop ligt het Atocha-station, waar twee weken geleden terroristen een slachting aanrichtten onder de treinreizigers. De hoofdverdachten van de aanslag hadden een winkel hier, in de volkswijk Lavapies, waar Francisca Sadornil geboren en getogen is.

Twee jaar geleden begon La Tati met het bewerken van Brechts klassieker. ,,Jij bent zelf de Madre uit dat stuk'', had een vriendin gezegd, refererend aan het nogal stevige karakter van de flamencodanseres. La Tati trad op dat moment op met een flamencobewerking van Het Huis van Bernarda Alba van García Lorca, waarin zij zelf de allesoverheersende moederfiguur neerzette.

Zelf deed de moeder van Brecht haar aan haar eigen grootmoeder denken, een joodse volksvrouw uit republikeinse kring die getekend werd door de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939). Maar tijdens het bewerken kreeg het oorlogsthema zo zijn eigen dynamiek. Eerst was er de Spaanse regeringssteun aan de oorlog in Irak, tegen de wil van de overgrote meerderheid van de bevolking. En toen volgden de aanslagen van de elfde maart, die de rampspoed van de oorlog letterlijk op de stoep bracht. ,,Maldita sea guerra'', vervloekte oorlog, duizend maal vervloekt, laat La Tati haar Madre uitroepen, na eerder geconstateerd te hebben dat oorlog echter ook handel betekent.

Moeder Courage, met zijn intellectuele dilemma's, allegorie en vaak cynische boodschap, is geen makkelijke keuze voor een bewerking binnen de meer gevoelsmatige dramatiek van flamenco. De rondtrekkende moeder laat zich evenwel verrassend goed inpassen in het zigeunermilieu. En er is vooral de ruimte voor het brede scala aan zang, muziek en vooral de energieke dans die uiteindelijk het vertrekpunt is voor een ervaren danseres als La Tati. Zelf ziet ze de bewerking vooral als een innovatie in de richting van de opera van een kunstvorm die zich vooral concentreert op afzonderlijke disciplines. ,,We kennen in Spanje eigenlijk geen dramatische scholing als het flamenco betreft. De opera is een vorm die de verschillende flamencodisciplines kan integreren.'' Ze liet zichzelf daarbij vooral inspireren door Antonio Gades, die in de jaren zeventig met een bewerking van García Lorca's Bloedbruiloft het verhalende drama de flamenco binnenhaalde.

Puristen binnen de flamencowereld zijn niet erg ingenomen met de nieuwe mengvormen, maar daaraan laat La Tati, zelf een mengeling van Spaans, Hongaars, joods en zigeunerbloed, zich weinig gelegen liggen. Purisme wijst volgens haar in het algemeen zelfs op een gebrek aan tolerantie. De Madre uit haar bewerking probeert zich staande te houden, net zoals haar grootmoeder die in oorlogen een belangrijk deel van haar familie zag verdwijnen. La Tati: ,,Het leven gaat door, we moeten vechten voor ons geluk.''

Madre. Try out 1 april, 20u, Stadsschouwburg, Utrecht. Aldaar première 2 april. 20u. Tournee door Nederland en België t/m 17 april. Inf. www.wmtf.nl