Van kleine film tot gebeurtenis

Als een publiciteitsbureau het zo had bedacht, dan zou het briljant zijn. The Passion of the Christ is als een kleine film bedacht, regisseur Mel Gibson werd naar zijn verstand gevraagd toen hij met het project financiers ging zoeken en hij moest er ten slotte zelf miljoenen in steken om hem te kunnen maken. Daarna ontstond een gestage stroom berichten om de wereld op deze filmgebeurtenis opmerkzaam te maken. Zo lazen wij dat hoofdrolspeler en enkele medewerkers op de set in Zuid-Italië door de bliksem waren getroffen – en het hadden overleefd.

Toen de film af was en de eerste buitenstaanders hem hadden gezien spitste de berichtgeving zich toe op de vraag of de film antisemitisch is of niet. Joodse organisaties in Amerika veroordeelden hem op basis van het script. De paus zou hebben gezegd dat het ,,is zoals het was''. Hij nam in ieder geval de moeite om hoofdrolspeler Jim Caviezel te zegenen.

De argwaan jegens de film is gevoed door de conservatief-katholieke denominatie waartoe Gibson zich rekent en opmerkingen van zijn vader over de jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog; daar waren volgens hem geen zes miljoen joden vermoord. Gibson moest publiekelijk verklaren dat hij wel geloofde in de Holocaust en de zes miljoen.

Elke dag viel wel iets nieuws te melden (`deze dunne spijkers, door de hand geslagen, zouden nooit een mensenlichaam aan een kruis kunnen houden', beweert een emeritus hoogleraar uit Indianapolis). En zo is het wereldwijd schandaal omgeslagen in een wereldwijd succes. In het vakblad Variety staat dat de film inmiddels ruim 333 miljoen dollar heeft opgebracht.