Spanning stijgt in Frankfurt

Op de financiële markten wordt rekening gehouden met een verlaging van de rente door de Europese Centrale Bank morgen. De voors en tegens van zo'n stap stapelen zich op.

Jean-Claude Trichet, sinds de zomer van vorig jaar de topman van de Europese Centrale Bank, staat morgen voor het eerst in zijn functie voor een moeilijke beslissing. Moet er van de al lage rentevoet van 2 procent van de ECB nog wat af, of is het economisch herstel in de eurozone ver genoeg gevorderd om het tarief te laten voor wat het is?

Het was Trichet zelf die vorige week, in een vraaggesprek met het Duitse Handelsblatt, de aftrap gaf voor een golf van rentespeculaties op de financiële markten. Hij noemde het consumentenvertrouwen cruciaal voor het lot van de verwachte economische opleving in de eurozone. Als die bestedingen tegenvallen, dan zou de ECB haar visie op de economie dienovereenkomstig moeten herzien.

Op zichzelf lijkt dat een open deur, maar uit de mond van de ECB-topman komen dergelijke woorden nooit zomaar. Centrale bankiers proberen de financiële markten de laatste jaren zoveel mogelijk voor te bereiden op hun rentebesluiten. Trichets uitlatingen werden dan ook opgevat als een signaal. Zeker nadat de Belgische bankpresident en lid van de ECB-raad Guy Quaden liet weten dat Frankfurt ,,manoeuvreerruimte heeft''.

De reacties waren veelzeggend. De driemaandsrentetarieven op de geldmarkt doken na Trichets uitlatingen onder de 2 procent, in de kennelijke verwachting dat het tarief van de ECB tegen die tijd verlaagd is. Alleen het korte segment, dat zeer dicht bij de daggeldrente ligt die de ECB met haar tarieven dicteert, staat nog vlak boven de 2 procent. Op maandag bereikte de euro, met 1,2056 dollar, zijn laagste dollarkoers sinds begin december. Een renteverlaging maakt de euro minder aantrekkelijk, zo luidt de wetmatigheid van de dag.

Zo zeker als de markt een verlaging inprijst, is het vooruitzicht in werkelijkheid niet. Een poll van het persbureau Reuters wees uit dat 58 van de zestig ondervraagde analisten geen actie verwachten morgen in Frankfurt.

Op het eerste gezicht pleiten de economische data voor een rentestap. Vanmorgen bleek dat het vertrouwen van producenten, gemeten door de Europese Commissie, voor de tweede achtereenvolgende maand marginaal is gedaald. Dat komt boven op de door het Ifo-instituut gerapporteerde daling van het Duitse ondernemingsklimaat vorige week vrijdag. Europese consumenten, zo bleek vanmorgen, zijn niet hevig geschrokken van de terreuraanslagen begin deze maand in Madrid. Maar het vertrouwen wil maar niet stijgen. De inflatie in de eurozone is intussen blijven steken op gemiddeld 1,6 procent.

De combinatie van een traag herstel – de ECB gaat naar verluidt uit van 1,5 procent economische groei in 2004 – en een lage inflatie lijkt inderdaad enige `manoeuvreerruimte' te geven aan de ECB. Daar staat de vraag tegenover of een renteverlaging iets zou uitmaken. De Europese Commissie stelde gisteren in het jongste kwartaalrapport over de euro-economie dat ,,veeleer de trage hervorming en de gebrekkige flexibiliteit de zwakte van de economie verklaren dan de rentestand''.

Er zijn zelfs redenen om ronduit tegen een renteverlaging te zijn. De statistieken over de reële economie mogen dan wijzen op een verlies aan momentum, gegevens over de monetaire economie doen dat nauwelijks. De groei van de geldhoeveelheid blijft, met 6,4 procent, hoog. In het jongste Maandbericht onderstreept de ECB dat de reële groei van de geldhoeveelheid, in verhouding tot de groei van de economie, nog niet zo hoog is geweest. Er wordt, zo bezien, zat geld in de economie gepompt. De kredietverlening aan de private sector kruipt omhoog tot bijna 6 procent, in een tijd dat de inflatie en economische groei samen optellen tot nog geen 3 procent.

Monetaire puristen kunnen zich afvragen waar al dat extra geld blijft. Een gunstige uitleg is dat de private sector, en dan vooral de consument, meer leent en de consumptieve bestedingen aan de vooravond staan van een werkelijke opleving. In dat geval is een extra renteverlaging niet nodig. Een ongunstige uitleg is dat de overvloed aan geld leidt tot het ontstaan van nieuwe zeepbellen op de financiële markten, met name de obligatiemarkt. In dat geval is de ECB-rente eigenlijk al lager dan gezond is.

Zo hangt het er dus van af welke signalen Trichet en zijn medebestuurders morgen het zwaarst laten wegen. Met zoveel voors en tegens is de kans groot dat de ECB haar kruit morgen droog houdt. Trichet zou dan hooguit zijn toelichting gebruiken om het verwachtingspatroon van de markt in de richting te sturen van een mogelijke verlaging in de toekomst.

Maar zoals altijd zijn verrassingen in Frankfurt niet uit te sluiten.