Op de eerste rij bij de kruisiging van Christus

`The Passion of the Christ' is de filmgebeurtenis van het jaar. Fel debat woedt over vermeend antisemitisme en overdadig geweld in de film. Morgen komt hij in Nederland uit. Een recensie.

Daar hangt-ie dan eindelijk. Na twee uur marteling is de kruisiging een verlossing: het zal nu wel snel afgelopen zijn. De rug is gegeseld, de doornen zijn diep in het vlees gedrongen, de spijkers zijn door de handen gegaan, in slowmotion, in close-up, in Dolby surround. Wat kan er nu nog komen? O ja, de spons met zure wijn, en dan de kruisafneming. Nee, eerst nog Johannes 19:34: `Een van de soldaten stak met een speer in zijn zijde en terstond kwam er bloed en water uit.' Het bloed gutst weer.

Dit, en niets anders, is de kruisweg van Christus. Het is alsof het na eeuwen zoeken, na duizenden sculpturen, schilderijen en passiespelen eindelijk is gelukt. We zijn er bij. We zitten op de eerste rij. `Het is zoals het was', heeft de paus gezegd, en al nam hij die woorden later terug, ze geven precies aan wat de bedoeling is van dit kunststuk, dat niet voor niets een film is. Geen ander medium kan zoveel realisme opleveren. De verbeelding kan nu rusten. De geest kan zich uitleveren aan de illusie. Dit zijn de laatste uren in het leven van Jezus, van Getsemane tot de kruisiging, van het verraad van Judas tot en met de opstanding.

The Passion of the Christ van Mel Gibson is een film die aan de kunst voorbij gaat. Met schoonheid wordt afgerekend alsof het een hindernis is, iets dat in de weg staat van waar het werkelijk om gaat. Johan Huizinga schrijft in Herfsttij der Middeleeuwen dat Dante de duisternissen en gruwelijkheden van de hel met schoonheid aanraakte. Je zou kunnen zeggen dat hij de hel zo minder gruwelijk maakte. Dat is een probleem, of een zegen, die veel grote kunst kenmerkt. Gibson heeft er geen last van. Hij is eerder te vergelijken met een volgens Huizinga veel slechter auteur als de monnik Dionysius de Kartuizer: ,,Zijn proeve om door gedetailleerde beschrijving en opzettelijke verbeeldingen ter benauwing de vrees voor zonde, dood, oordeel en hel tot het allersmartelijkste aan te scherpen, mist haar ijzingwekkende werking niet, misschien juist door haar ondichterlijkheid.''

The Passion of the Christ mist zijn ijzingwekkende werking zeker niet. Twee mensen bezweken na een hartaanval in de bioscoop. Twee misdadigers biechtten na afloop hun zonden op. Ook minder heftige reacties zijn mogelijk. Walging. Verveling. Verwondering. Ik wil wedden dat de gestorvenen en de misdadigers allen christenen zijn of zijn geweest. Voor kijkers die niet in dit geloof zijn opgevoed, al leven zij in een cultuur die er tweeduizend jaar mede door is bepaald, is The Passion of the Christ een tamelijk onbegrijpelijke film. Twee uur lang zien hoe een man geslagen, gegeseld, vernederd, vermoord wordt, en telkens vergat ik waarom dat gebeurt. Waarom?

Het christelijk geloof wordt door The Passion op de eerste plaats een heel bizar geloof. De film is een preek voor eigen parochie.

Regisseur Gibson neemt aan dat iedereen weet dat Christus voor onze zonden gestorven is. Waarschijnlijk werkt de film alleen als je dat ook gelooft.

Deze aanmatigende aanname heft wel een probleem op dat zich in de Amerikaanse film een prominente plaats heeft verworven. Amerikaanse films zijn, iedereen weet het, vaak zeer gewelddadig. Mel Gibson stond wat dat betreft al in de voorste linies. Hij werd als acteur beroemd met de series Mad Max en Lethal Weapon, films waarin het bloed ook rijkelijk vloeit. Als regisseur kreeg hij Oscars voor de eveneens extreem gewelddadige Braveheart. Voor het tonen van geweld moet in Amerikaanse films wel altijd een reden worden gegeven; films als Elephant en Funny Games worden juist zo schokkend gevonden omdat ze deze conventie weigeren te honoreren. Je zou kunnen zeggen dat Gibson met de kruisdood de ultieme reden heeft gevonden; de beste schaamlap om je ongebreideld over te geven aan een orgie van bloed.

Gibson heeft uit de vier versies die hem over de kruisweg ter beschikking stonden, steeds de meest controversiële en de meest gewelddadige gekozen. De befaamde zin `Zijn bloed kome over ons en onze kinderen' laat alleen de evangelist Matteüs roepen door de joodse menigte. Toch laat Gibson hem – in het Aramees – uitspreken. Je hoeft je er dus niet over te verbazen dat Gibson van antisemitisme is beschuldigd. In de Engelse ondertitels schijnt de vertaling van deze passage inmiddels geschrapt te zijn, in de Nederlandse versie, zo verzekert het Nederlandse bureau Proclama dat in opdracht van Gibson de vertaling controleert, dat dit ook het geval is.

Van de vier evangelisten vertelt alleen Johannes dat Pontius Pilatus Jezus liet geselen. Die ene droge zin worden bij Gibson talloze weerzinwekkende minuten.

Helemaal zelf, of met behulp van de visoenen van een negentiende-eeuwse non, laat hij Jezus door twee Romeinse soldaten met zwepen en andere martelwerktuigen bewerken, tot het lichaam van acteur Jim Caviezel zo is toegetakeld dat hij voor het opnemen van deze scène urenlang bij de make-up afdeling moest zitten. ,,De lichamelijke pijnen en smarten worden in schroeiende kleuren geschilderd. De zondaar moet opzettelijk trachten, het zich zo levendig mogelijk voor te stellen'', schrijft Huizinga in Herfsttij. Gelukkig kwamen er na de Middeleeuwen andere tijden.

The Passion of the Christ. Regie: Mel Gibson. Met: Jim Caviezel, Mattia Sbragia, Monica Belucci, Maia Morgenstern. In: 97 bioscopen.