Japanse honkballers ontkrachten mythes in VS

De Japanse honkbalster Hideki Matsui is terug in zijn oude stadion. Nu met de beroemdste honkbalclub ter wereld, de New York Yankees, die gisteren in de Tokyo Dome het Amerikaanse honkbalseizoen openden tegen de Tampa Bay Devil Rays.

,,Ik neem het Matsui niet kwalijk hoor'', zegt de oude taxichauffeur tijdens de rit naar de Tokyo Dome, ,,maar het is jammer dat hij weg is.'' In een grijs verleden was hij een grote fan van de Yomiuri Giants, vertelt de chauffeur. Dat was in de jaren zestig toen de Giants negen jaar achter elkaar kampioen van Japan werden. Toen speelden de Giants nog in een oud openluchtstadion en klommen kinderen op de hoge reclameborden rond het veld om de wedstrijd te kunnen zien. ,,Vroeger verliet een speler van de Giants nooit zijn team. Ze bleven tot het einde van hun carrière en lieten bij wijze van spreken hun botten op het veld begraven. Maar ja, de tijden zijn veranderd. Vroeger durfden we niet eens te dromen dat een Japanse honkballer succes kon hebben in Amerika.''

Het Japanse honkbal wordt de laatste jaren getroffen door een leegloop. Eén voor één vertrekken de sterren naar Amerika om zich te meten met de sterkste spelers ter wereld. Vorig jaar verliet zelfs de `meest Japanse' honkbalheld het land: Hideki Matsui, de altijd beleefde homerunkoning van de meest gekroonde club van het land. Voor het eerst sinds anderhalf jaar is hij terug in Tokio en hij trok uitverkochte stadions. Zondag schoven de Yankees in een vriendschappelijke wedstrijd zijn oude club, de Giants, met 7-1 opzij. In zijn eerste slagbeurt gaf Matsui de fans – van wie velen in Yankees- uniform – al de homerun waarvoor zij waren gekomen. Gisteren volgde de opening van het Amerikaanse seizoen tegen de Devil Rays. Weer deelde Matsui in de eerste inning een klap uit. Onmiddellijk stonden de Yankees twee punten voor, al liepen ze uiteindelijk tegen een onverwachte nederlaag van 8-3 aan.

De afgelopen jaren begint het Amerikaanse honkbalseizoen regelmatig buiten de grenzen van de VS. Het doel is internationalisering van honkbal, zei Bud Selig, hoofd van Major League Baseball (MLB), eerder deze week in Tokio. ,,Het is great om in Tokyo Dome rond te lopen met al deze spelers in hun pinstripes'', zei Selig, verwijzend naar het beroemde gestreepte uniform van de Yankees. ,,Dit is hoe we de basis moeten verbreden.'' Dat de fans van de Devil Rays, dat eigenlijk thuis had zullen spelen, hun team moeten missen is niet erg, zei Selig, want er zijn ,,81 thuiswedstrijden in een seizoen''. Inkomsten mist het team ook niet want ,,we geven er iets voor terug''.

De MLB is duidelijk een offensief begonnen in de strijd om internationale populariteit. Het lijkt te zijn ingegeven door de groeiende aanhang van voetbal, dat met het laatste WK in Japan en Korea duidelijk vastere voet krijgt in Oost-Azië. Terwijl juist honkbal in een land als Japan een langere traditie heeft. Zo kwamen de New York Yankees al in 1934, met de legendarische Babe Ruth in hun gelederen, voor een tournee naar Japan. De volgende stap die Bud Selig wil zetten is het organiseren van een heus wereldkampioenschap honkbal voor profs. Gevraagd of de MLB dan ook streeft naar een naamsverandering van het eigen kampioenschap, de World Series, zegt Selig: ,,Die naam zal nooit verdwijnen. Dat is inmiddels traditie.''

Het streven naar mondialisering van het honkbal is voorafgegaan door internationalisering van het Amerikaanse honkbal zelf. Ruim een kwart van de spelers in de MLB dit jaar is in het buitenland geboren. Veel spelers komen van de Caraïbische eilanden en uit Latijns-Amerika, maar ook een groeiend aantal uit Japan. Deze ontwikkeling is in 1995 ingezet door pitcher Hideo Nomo. Tot die tijd lieten Japanse clubs hun spelers domweg niet gaan. In de jaren zestig speelde alleen een jonge Japanse pitcher een jaar in de MLB, min of meer per ongeluk. Maar Nomo ontdekte een gat in de regels. Hij beëindigde tot ieders verbazing officieel zijn carrière in Japan, en kondigde even later aan een `tweede carrière' in de VS te beginnen. De Japanse clubs waren woedend en probeerden het hiaat in de reglementen te dichten. Nomo zelf kreeg aanvankelijk een stroom van kritiek over zich heen, maar werd na een zeer succesvol jaar bij de LA Dodgers alsnog door het Japanse publiek weer in de armen gesloten.

Het hek is sindsdien van de dam. Zeventien spelers zijn Nomo inmiddels gevolgd, aanvankelijk alleen werpers die in de VS geroemd werden om hun goede balbeheersing. De grote vraag was of Japanse slagmannen met hun lichtere fysiek, zich ook staande zouden kunnen houden in het Amerikaanse geweld. Het antwoord kwam van Ichiro Suzuki, die in 2000 aantrad bij de Seattle Mariners en direct records bij elkaar sloeg. Ook hier bleek een perfecte techniek doorslaggevend. Hij bezorgde elke werper hoofdpijn, niet door homeruns te slaan, maar door met razendsnelle reflexen en perfecte controle op elke bal een honkslag te kunnen maken.

Het resultaat dat deze spelers hebben bereikt, stelt Robert Whiting in het recent verschenen boek The Meaning of Ichiro, is dat ze mythes hebben ontkracht, bijvoorbeeld over `de' Japanner als autoriteitsgetrouw en initiatiefloos, en voor toenadering hebben gezorgd. Pionier Nomo kreeg aanvankelijk nog haatbrieven waarin hij een `gele aap' werd genoemd. Nu Ichiro een succes is in Seattle, serveren ze sushi in het Mariners-stadion en schreeuwen de fans Japanse aanmoedigingen. ,,Dit is een prachtige manier om onze gedeelde liefde voor honkbal te tonen'', zei oud-burgemeester van New York, Rudolph Giuliani, gisteren met de Japanse premier Junichiro Koizumi in de Tokyo Dome voor het werpen van de eerste bal(len). ,,Dat is toch het mooiste dat je met sport kan bereiken?''

Niet alle Japanse fans lijken het daarmee eens te zijn. Nadat `Ichiro' een held was geworden in Seattle, besloot homerunkoning Matsui dat ook hij de uitdaging van het Amerikaanse honkbal moest aangaan. De eeuwige trouw aan de Yomiuri Giants legde het af tegen zijn ambitie als sportman. In de taxi op weg naar huis na afloop van de wedstrijd tussen de Yankees en de Devil Rays, zegt de chauffeur dat hij nauwelijks nog naar Japans honkbal kijkt. ,,De sterren gaan naar Amerika en de honkballers die overblijven spelen als ambtenaren'', meent hij. Op tv kijkt hij af en toe naar Amerikaans honkbal, dat nu dagelijks live wordt uitgezonden. Maar echt genieten doet hij alleen nog van het jaarlijkse Japanse scholierenkampioenschap. ,,Die jonge knullen spelen tenminste met enthousiasme.''