Chantage Colijn door vriendin

Oud-premier Hendrik Colijn, voorman van de Anti-Revolutionaire Partij in de jaren dertig, werd tijdens zijn premierschap hoogstwaarschijnlijk gechanteerd door een Duitse vrouw. Colijn (1869-1944) zou in de jaren 1930-1933 een buitenechtelijke relatie met deze vrouw, Hella Schulz, hebben gehad in Berlijn. Colijn betaalde Schulz 2000 Engelse ponden, destijds 150.000 gulden, om te zwijgen en Nederland te verlaten. Ze vestigde zich in Argentinië.

Dat schrijft Colijns biograaf Herman Langeveld in deel twee van de biografie, dat morgen verschijnt. Langeveld vertelde gisteravond over het `geheim' van Colijn in het tv-programma Andere Tijden. Hij erkent dat hij relatie noch chantage met zekerheid kan aantonen. ,,Ik heb een poging gedaan om deze affaire op te helderen, maar dat is niet ten volle gelukt.''

In 1936 werden geruchten over de buitenechtelijke relatie naar buiten gebracht door politieke tegenstanders van Colijn. Zij wilden dat Nederland de `gouden standaard' zou loslaten en probeerden de grootste voorstander daarvan tot aftreden te dwingen. Koningin Wilhelmina vond aftreden echter niet nodig. Zij nam genoegen met Colijns verklaring dat hij de financiële zorg voor een paar Duitse vluchtelingen op zich had genomen. Ook de pers, met uitzondering van extreem-rechtse blaadjes, liet de zaak rusten.

Langeveld heeft drie aanwijzingen voor Colijns relatie met Schulz. Haar stiefzoon Curt, wonend in Buenos Aires, noemt zijn moeder een oplichtster (`Hochstapler') en kan het grote bedrag dat Colijn aan Schulz betaalde niet anders verklaren dan uit chantage vanwege een geheime affaire. De Sicherheitsdienst hield uit eigen initiatief een dossier bij over Colijn, waarin melding wordt gemaakt van een maitresse in Berlijn. Ook zijn er verwijzingen van de Amerikaanse filmregisseur BIlly Wilder, die begin jaren dertig in hetzelfde pension als Schulz verbleef. Volgens Wilder ontving Schulz regelmatig `herenbezoek'.