Akkoord EU over beleid asielzoekers

De Europese Unie is het gisteren, na twee jaar onderhandelen, eens geworden over één definitie van het begrip `vluchteling'. Dit is een grote stap op weg naar een gezamenlijk Europees asiel- en immigratiebeleid.

De rechten die een erkend vluchteling krijgt worden in elk land min of meer dezelfde. ,,De nieuwe regels geven vluchtelingen meer bescherming'', zei de Ierse minister van Justitie Michael McDowell, wiens land dit halfjaar het EU-voorzitterschap bekleedt. Echte vluchtelingen worden daardoor niet de dupe van strengere asielwetgeving die bedoeld is om economische asielzoekers te weren.

Nu hanteert elk land zijn eigen interpretatie van het begrip `vluchteling', zoals dat is vastgelegd in de Conventie van Genève uit 1951. Sommige landen vangen ook nog andere – niet-politieke – categorieën mensen in nood op, zoals homoseksuelen. Ten slotte bieden lang niet alle EU-landen vluchtelingen en hun familieleden een genereus hulppakket aan, of recht op werk.

Die verschillen werken `asielshopping' in de hand: asielzoekers trekken, vaak op aanwijzing van mensensmokkelaars, naar die EU-landen die het meeste te bieden hebben, zoals Nederland. Daarom besloten de Europese regeringsleiders in 1999 een gezamenlijk asiel- en immigratiebeleid op te zetten. Eerst zouden hun landen de wetten op dit gebied beter op elkaar moeten afstemmen. Vijftien verschillende wetgevingen in een Unie zonder binnengrenzen leiden ertoe dat immigratie onbeheersbaar wordt. Als één land zijn wetten strenger maakt, zoals vaak gebeurt, hebben buurlanden daar direct last van. Nu terreuraanslagen Europa teisteren, is het extra nodig om weer greep te krijgen op wie er binnenkomt en waarom.

Van een totale harmonisatie van definitie en rechten van vluchtelingen, zoals sommige landen wilden, is het niet gekomen. Duitsland lag twee jaar dwars, door onenigheid tussen regering en oppositie. Om Duitsland voor de afgesproken deadline van 1 mei mee te krijgen, moesten de andere veertien landen op het laatste moment concessies doen. Zo kan vluchtelingen het recht op werk voor bepaalde tijd worden ontzegd en zijn er meer beperkingen voor sociale uitkeringen en familiehereniging. In ruil accepteren de Duitsers dat elk EU-land nu bescherming moet bieden aan mensen die niet voor de `klassieke' vluchtelingenstatus in aanmerking komen, zoals de groeiende groep mensen die niet door hun overheid maar door krijgsheren of religieuze fanaten vervolgd worden, en vrouwen die aan genitale mutilatie zijn ontsnapt.