Studenten in Amsterdamse Bos serieus geworden

Pinoké is dé verrassing in de hockeyhoofdklasse. Gisteren liet de studentenclub `grote broer' Amsterdam ontsnappen: 5-3. ,,Het licht gaat niet meer om drie uur uit.''

Zijn contributie moet hij nog betalen. Want ja, het kan nog anno 2004: hockey op amateurbasis. Natuurlijk doet ook Pinoké vandaag de dag ,,wat in de sfeer van randvoorwaarden, zoals huisvesting en zo''. Maar: ,,Wij hebben betalende spelers, geen betaalde'', zegt aanvoerder Benjamin van Kessel met gepaste trots.

Het is een open deur, maar bij de achtste club van Nederland (1.643 leden) staat het plezier nog altijd voorop, zoveel wil de aanvaller maar zeggen. ,,Ik ben nog van de oude stempel. Hockey doe je voor je lol, niet voor een paar rotcenten. En geloof mij nou: van een paar euro meer of minder gaat niemand beter presteren.''

Om die woorden te onderstrepen hoeft Van Kessel maar naar de stand op de ranglijst te verwijzen. Zeven duels voor het einde van de reguliere competitie bezet Pinoké de vijfde plaats en heeft slechts vier punten minder dan Bloemendaal. Met andere woorden: Pinoké heeft de play-offs binnen handbereik. Gisteren had de studentenvereniging, die zich afficheert als `de gezelligste club van het Amsterdamse Bos', een belangrijke stap op weg naar de nacompetitie kunnen zetten. Landskampioen en buurman Amsterdam bleek in het Wagener-stadion evenwel niet bereid het kleine broertje bij de hand te nemen: 5-3.

Die nederlaag hadden de Steekneuzen Pinoké's bijnaam grotendeels aan zichzelf te wijten, besefte trainer-coach Gerold Hoeben. Een geniale oprisping van goaltjesdief Marten Eikelboom, twintig seconden na Pinoké's `aansluitingstreffer' (3-2), bleek een klap, die de bezoekende ploeg niet meer te boven kwam. ,,We hebben een enorme stap gemaakt, maar we zijn het nog net niet'', wist Van Kessel.

Van Kessel is een begaafd hockeyer, die vier jaar geleden Amsterdam verruilde voor buurman Pinoké. ,,Omdat ik hier amper aan spelen toe kwam.'' Inmiddels is de 28-jarige rechtenstudent (,,Geloof het of niet: ik ben bijna klaar!'') het creatieve brein van de ploeg, die tot dusver de aangename verrassing is van de hoofdklasse.

Maar Pinoké heeft dan ook een uitgebalanceerde selectie, met zowel jeugdig talent afkomstig uit de eigen opleiding als routine in de personen van Van Kessel, spelverdeler Joppe Hovius, doelman (én kroegbaas) Bart Holla en middenvelder Danny Bree. Bovendien beschikt de ploeg met Jeroen Koops, zoon van Mister Pinoké Max Koops, over een laatste man met een krachtige lange-pass en een dito strafcorner.

Dat laatste geldt ook voor Amsterdam-topschutter David Mathews. Gisteren nam de wat log ogende Engelsman vier van de vijf treffers voor zijn rekening. Wellicht dat de afzwaaiende trainer-coach Jim Irvine binnenkort eens een videocompilatie van Mathews' doelpunten naar de Britse bondscoach Jason Lee kan sturen. Irvine: ,,David scoort als het moet met zijn ogen dicht, dus wat die Engelsen bezielt om hem niet te selecteren? You tell me.''

Zoals Mathews twee jaar geleden uit eigen beweging aanklopte bij Amsterdam, zo meldde Christian Cavallet zich afgelopen zomer bij Pinoké. Met open armen werd de bij Den Bosch uitgekeken aanvoerder van Zwitserland ontvangen. Van Kessel: ,,Dat zegt wel wat over de slag die we gemaakt hebben. Die jongen heeft internationale ervaring én ambitie. Die komt echt niet naar een club, omdat de sfeer zo goed is.''

Pinoké heeft dan ook een keuze gemaakt. ,,Met alle respect voor hetgeen ze hiervoor hebben gedaan, maar Pinoké deed maar wat'', weet Hoeben. ,,Als het maar leuk en gezellig was. Er zat weinig beleid en nauwelijks een gedachte achter. Twee jaar terug hebben we tegen elkaar gezegd: of we blijven lekker wat aanrommelen of we kiezen echt voor de hoofdklasse.''

Want ook dat was Pinoké: een club waar het licht na een training pas diep in de nacht werd gedoofd. Hoeben, lachend: ,,Op vrijdagavond drinken we nog altijd een gezellige pot bier, maar neem van mij aan dat ík het licht uit doe en dat is niet om drie uur 's nachts. Mede daarom zijn zowel de hockey- als de studieresultaten hier verbeterd.''

Ook buiten het veld is de revolutie zichtbaar. Zo heeft Pinoké inmiddels een hoofdsponsor (Digitenne) en gaan de spelers gekleed in een keurige trainingsoutfit. Van Kessel: ,,Drie jaar geleden hadden we ook een hoofdsponsor, maar die kwam z'n verplichtingen niet na en dus stonden we met lege handen. Niemand klaagde, want dat paste wel bij het studentikoze sfeertje.'' Die tijd is voorbij. Werd Pinoké door de concurrentie nog niet zo lang geleden smalend Pinokkio genoemd, tegenwoordig houden ook de topclubs rekening met het taaie en grillige gezelschap in het blauw-wit. ,,Van onderschatting is allang geen sprake meer'', weet Hoeben. ,,Zelfs Amsterdam kwam vandaag met witte bekkies het veld op.''

Hoeben wil zichzelf na de voortvarende eerste seizoenshelft dan ook niet langer verschuilen. ,,Wij hebben vandaag weliswaar verloren, maar wij gaan voor de play-offs'', zegt de 42-jarige trainer-coach, bezig aan zijn derde seizoen, op strijdvaardige toon. Wie dat tot voor kort had durven beweren, was in Pinoké's karakteristieke houten clubhuis hardop uitgelachen.