Partij van Aznar houdt collectieve heelsessie

De partij van premier Aznar kwam zaterdag bijeen om de wonden te helen van de verkiezingsnederlaag van twee weken geleden. Er was geen spoor van zelfkritiek.

No pasa nada. Niets aan de hand. Viva el PP, Viva España! Een uitzinnige aanhang van 20.000 partijleden van de conservatieve Partido Popular kwam afgelopen zaterdag bijeen in een stierenvechtarena om de scheidende Spaanse premier José María Aznar toe te juichen. De bijeenkomst was bedoeld om de wonden te helen van de onverwachte verkiezingsnederlaag van twee weken geleden. Maar aangevuurd door de opzwepende woorden van de scheidende premier leek het er met het euforische publiek bijna op of de partij had de verkiezingen gewonnen.

Aznar beloofde zijn partij een ,,sterke, nauwgezette en patriottische oppositie''. De verkiezingen waren geen nederlaag, hooguit een tijdelijke electorale terugval. De conservatieve leider zegde toe dat de partij op geen enkel punt zijn ideeën en principes zal aanpassen. ,,Sommigen zullen proberen ons te verdelen of ons te vernietigen of het zwijgen op te leggen. Het zal ze niet lukken.''

Ook de nieuwe leider van de partij, lijsttrekker Mariano Rajoy, mocht wat zeggen. Maar alle aandacht ging naar Aznar, die dusdanig in zijn toespraak opging dat hij na afloop zijn stem leek te verliezen. De collectieve heeltherapie, zoals de steunbetuiging aan Aznar al in de media is genoemd, leek eerder een bevestiging dat de aanhang van de Partido Popular nog steeds moeite heeft de uitslag van 14 maart te accepteren. In conservatieve kring heerst een breed gedeeld gevoel dat zij na de terreuraanslagen van de elfde maart in Madrid het slachtoffer is geworden van een linkse smaadcampagne.

Onder het publiek waren dan ook regelmatig spreekkoren te beluisteren tegen het uitgeversconcern Prisa, eigenaar van de krant El País en de radiozender SER. Deze media, die dicht bij de socialistische partij staan, wordt verweten dat zij de conservatieve regering van leugens hebben beticht in de informatievoorziening na de aanslagen. Ook zouden zij de aanstichters zijn geweest van de protestdemonstraties die de dag voor de verkiezingen werden gehouden voor enkele partijkantoren van de Partido Popular. De linkse media plaatsten daarbij vraagtekens bij de officiële regeringslijn dat de Baskische terreurbeweging ETA achter de aanslagen zou zitten.

De steun van zijn aanhang komt op een moment dat Aznar internationaal juist steeds meer wordt bekritiseerd dat hij tegen de aanwijzingen in dagenlang het daderschap van Al-Qaeda weigerde te aanvaarden. Pas na bijna drie dagen, na de arrestatie van vijf verdachten, kwam hier verandering in. Vanuit het Duitse politieapparaat wordt de scheidende Spaanse regering ervan beschuldigd de Europese veiligheid in gevaar gebracht te hebben door niet tijdig de dreiging van Al-Qaeda serieus te nemen, zo meldde de Financial Times afgelopen vrijdag. De krant spreekt van een ,,agressieve campagne'' van de kant van de regering die de kiezers moest overtuigen dat de Baskische terreurbeweging ETA achter de aanslagen zat. De krant noemt bronnen uit het politie- en brandweerapparaat die reeds vanaf het eerste moment wisten dat de springstoffen van de aanslagen niet behoorden tot het gebruikelijke arsenaal van de ETA. Ook na de ontkenning van ETA, het opeisen door een islamitische groepering en de vondst van een bandje met Koranteksten bleef de regering volharden in ETA als belangrijkste onderzoekslijn. Daarbij werden de ambassadeurs geïnstrueerd deze boodschap te verspreiden, terwijl premier Aznar persoonlijk de hoofdredacties van de belangrijkste kranten opbelde.

De verkiezingsnederlaag wordt dan ook door velen gezien als een reactie van stemmers die normaalgesproken wegblijven, maar als gevolg van het regeringsoptreden het gevoel kregen dat zij werden voorgelogen. Tijdens de partijbijeenkomst afgelopen zaterdag bleek evenwel geen spoor van mogelijke zelfkritiek. De scheidende minister van Binnenlandse Zaken, Ángel Acebes, die dagenlang de boodschap uitdroeg dat ETA de dader was, is benoemd tot secretaris-generaal van de partij.

De vraag is al gesteld of het vertoon van eenheid binnen de Partido Popular niet een naderende crisis verhult. Waarnemers wijzen erop dat Aznar nog altijd de hoofdrol vervult in plaats van zijn opvolger Rajoy. En ook beleidsmatig lijkt geen enkele consequentie te worden getrokken uit de verkiezingsnederlaag. De komende Europese verkiezingen worden gezien als een moment dat er wellicht een discussie binnen de partij zal ontstaan.