`Transplantatie' MoMa naar Berlijn groot succes

Het Museum of Modern Art heeft een selectie topkunstwerken aan Berlijn uitgeleend. De Duitsers staan in lange rijen voor de kunst uit New York.

De moderne kunst raakt ze allemaal. De krakelingventer, de koffieschenker en de worstverkoper. Aan de voet van Barnett Newmans Broken Obelisk op het plein voor de Neue Nationalgalerie hebben ze een nieuwe markt ontdekt. Dag in dag uit staan er honderden mensen in de rij. Gemiddelde wachttijd: twee uur. Eindbestemming: de tentoonstelling Het MoMa in Berlijn.

Het lijkt wel of architect Mies van der Rohe het probleem van lange rijen voor zijn kunsttempel destijds heeft voorzien en uitsluitend om die reden het dak van de Nationalgalerie aan alle kanten meters liet uitsteken. Bij regen en gure wind zoekt de rij beschutting onder het `afdak', dicht tegen Van der Rohe's glazen wanden. Deze week paradeerden lokale kunstenaars met hun eigen creaties langs de verkleumde kunstliefhebbers, uit protest tegen bezuinigingen op kunstsubsidies in Berlijn.

Er zijn altijd goede redenen om Berlijn te bezoeken. De beste reden dit voorjaar is New York. Het Museum of Modern Art heeft een selectie topkunstwerken aan Berlijn uitgeleend, onder andere de geknakte obelisk, die normaal gesproken in New York in de tuin staat. Het MoMa stelt gemiddeld tussen 350 en 400 werken tentoon, in Berlijn zijn er nu 200 te zien. `Selectie' is daarom eigenlijk niet het juiste woord. Het is eerder een bescheiden transplantatie.

Het is een bedwelmende parade van supersterren. Met een Europese vleugel: Rodin, Picasso, Cézanne, Seurat, Monet, Matisse, Klee, Duchamp. En een Amerikaanse vleugel, die begint bij Hopper en langs onder andere Newman, Pollock en De Kooning naar Philip Guston voert. De reclamefolders spreken over `een canon van de beeldende kunst van de twintigste eeuw' en overdrijven daarmee eens een keer niet.

Eén wezenskenmerk van het MoMa is vreemd genoeg niet gekopieerd, de samenballing van verschillende kunstvormen onder één dak. In Berlijn is vrijwel uitsluitend schilderkunst te zien, afgezien van onder andere het fietswiel van Duchamp en een futuristische plastiek van Boccioni. Design en fotografie hebben de reis naar Duitsland niet meegemaakt.

Achter de tentoonstelling gaat een grote commerciële operatie schuil. De kosten voor de verhuizing bedragen bijna 9 miljoen euro. Pas bij meer dan een half miljoen bezoekers speelt de Nationalgalerie quitte. Maar de organisatoren kunnen gerust zijn. Sinds de opening eind februari hebben al ruim 100.000 mensen de lange wachttijd getrotseerd. De belangstelling is zo groot dat van Goede Vrijdag tot Paasmaandag de deuren tot middernacht openblijven.

Behalve Berlijn hebben ook ander Europese steden geprobeerd de tentoonstelling in de wacht te slepen. Berlijn won uiteindelijk mede omdat men een historische band tussen de stad en het Amerikaanse museum kon presenteren. De oprichter van het MoMa, Alfred H. Barr, liet zich in 1927 tijdens een bezoek aan het Kronprinzenpalais in Berlijn tot een museum voor hedendaagse kunst inspireren. Bovendien probeerde hij architect Mies van der Rohe voor zijn project in New York te winnen. Van der Rohe koos evenwel voor Chicago, maar schonk later 20.000 tekeningen aan het MoMa. Volgens de curator van de Nationalgalerie Peter-Klaus Schuster keert het MoMa zo bezien terug naar zijn wortels en overdrijft daarmee dan wel.