Niemand wil colleges op de Aldi-universiteit

De student als grondstof voor de economie. De universiteit als onderwijsfabriek die kenniswerkers moet produceren. Geen aandacht voor de kwaliteit van het onderwijs, alleen het rendement is belangrijk.

Zo typeert Floris van Eijk, voorzitter van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb), de plannen van Nijs voor het hoger onderwijs. Hij is er fel tegen. Het Platform Puinhoop voert al enige tijd actie en organiseerde gisteren een landelijke studentendemonstratie op de Dam in Amsterdam.

Het Interstedelijk Studentenoverleg (ISO) deed niet mee met de demonstratie. Ze zijn even kritisch als de LSVb, maar willen met Nijs in gesprek blijven. Op 19 april volgt een `ludieke actie', belooft ISO-voorzitter Liobe Kamminga. Nijs mist visie, meent zij. ``De plannen van Nijs hebben geen inhoudelijke samenhang. Eigenlijk zijn dit de plannen van haar voorganger Hermans, opgeleukt met een paar nieuwe ambities.''

De kritiek van de studenten concentreert zich op het door Nijs beoogde toelatingsbeleid. De staatssecretaris wil instellingen meer mogelijkheden geven om eerstejaars te selecteren op talent en motivatie. Verder wil ze impopulaire maar maatschappelijk wenselijke studies (bèta, zorg) aantrekkelijker maken door het collegegeld te verlagen of af te schaffen. Dure topstudies met internationale allure moeten juist een hoger collegegeld kunnen vragen. Volgens Van Eijk en Kamminga gaan deze maatregelen ten koste van de toegankelijkheid van het onderwijs. Kinderen van arme ouders zullen minder snel gaan studeren. Zelfs de PvdA omarmde onlangs de differentiatie, maar de studenten blijven hameren op gelijkheid.

Van Eijk: ``Hoger onderwijs voor velen is geen vervlogen ideaal uit de jaren '70. Het is juist heel erg modern om te willen dat onderwijs een publieke zaak blijft. Als onderwijs een private zaak wordt, worden veel mensen uitgesloten en dan moet de samenleving betalen voor al die ongeschoolden die niet aan werk komen.''

Kamminga: ``Dat het gelijkheidsdenken nu verdwijnt is niet zo erg. Meer aandacht voor de individuele loopbaan van de student is welkom. Waar wij moeite mee hebben is die eenzijdige aandacht voor de beste studenten, met hun `topmasters'. Daardoor blijft het hele hbo, tweederde van alle hoger onderwijs-studenten, buiten schot.''

Van Eijk: ``Differentiatie is niet verboden. Als je maar oog houdt voor de subtop, die moet worden versterkt.''

Kamminga: ``Selectie door de instellingen is helemaal niet nodig. Wij geloven in zelfselectie door studenten, aangevuld door een serieus gesprek bij aanmelding voor een studie, en begeleiding in het eerste jaar. Dat is wat we in Nederland missen, en daarom is de uitval onder eerstejaars zo hoog. Je kunt je hier volkomen anoniem aanmelden voor een studie, niemand die je vraagt waarom je die studie wilt gaan doen.''

Van Eijk: ``Het moet een eerlijk gesprek zijn tussen gelijkwaardige partners over wat student en instelling van elkaar kunnen verwachten. Als je dan eenmaal binnen bent, ben je als student verplicht om je stinkende best te doen.''

Kamminga: ``Verhoging van het collegegeld is geen goed idee zolang nog niet duidelijk is wat er tegenover staat. Over die topstudies is veel verwarring, niemand weet wat daar precies mee wordt bedoeld. Het schrikt mensen af.''

Van Eijk: ``Ook al wordt het hogere collegegeld voor arme studenten gecompenseerd via de studiefinanciering, de prijs van de opleiding wordt een factor en dat is niet goed. Voor mensen die van huis uit niet vanzelfsprekend gaan studeren, is het een psychologische barrière. Studenten lenen niet graag.''

Kamminga: ``Verlaging van het collegegeld is onzin, dat suggereert mindere kwaliteit. Wie wil er naar een Aldi-universiteit?''

Van Eijk: ``Je krijgt heus niet meer nanotechnologen door het collegegeld kwijt te schelden. Kijk liever wat er mis met de bètastudies. Dat zijn de meest conservatieve faculteiten, het onderwijs is er gewoon slecht.''

Kamminga: ``Studenten haken af omdat ze de verkeerde studie hebben gekozen, of omdat het onderwijs niet uitdagend genoeg is. Selectie is niet de oplossing, begeleiding wel. Als je constateert dat het niveau van vwo'ers onvoldoende is, moet je iets doen aan het voortgezet onderwijs. Niet extra toelatingstesten gaan invoeren, zoals ze nu in Leiden willen doen.''

Van Eijk: ``Met het niveau van het voortgezet onderwijs is in Nederland niets mis. Het vwo-diploma is een afdoende toegangseis voor het wetenschappelijk onderwijs. Het is treurig dat ze in Leiden meegaan in de intellectuele armoede van Nijs.''