In Nederland gloeien de priemen voor de tongen van Cliteur en Hirsi Ali

Hoezo drijft scherpe kritiek van columnisten islamitische jongeren in de armen van de jihad? Het publieke, intellectuele debat moet vrij en op het scherp van de snede worden gevoerd.

Nu de rechtsfilosoof Paul Cliteur zijn pen neerlegt en niet langer scherp het openbare debat wil aangaan, onder meer om volgens hem onzinnige zaken in het geloof te bestrijden, en nu Els Borst in Trouw deze week erop wijst dat gekwetse gelovigen wel eens kunnen overwegen Ayaan Hirsi Ali voor de rechter te slepen, lijken oude Nederlandse tijden teruggekeerd.

Wie in de tijd van Spinoza, de zeventiende eeuw, in Nederland kritiek op geloofszaken had, kon rekenen op de eis dat hij in de gevangenis werd gegooid, maar niet dan nadat zijn tong met een gloeiende priem was doorboord.

Dat was het geval met de gebroeders Koerbagh, Johannes en Adriaen, twee aanhangers en tijdgenoten van Spinoza. Ze werden in Amsterdam vervolgd omdat ze de auteurs waren van boeken zoals Een Bloemhof en Een Ligt schijnende in duystere plaatsen, waarin onder meer gesteld werd dat God en de Heilige Drieeenheid niet bestonden. Ze stelden dat er een hoop achterlijk bijgeloof was. Vooral Adriaen Koerbargh, arts, kreeg het te verduren: de schout eiste dat zijn tong met een gloeiende priem zou worden doorboord, dat zijn rechterduim afgehakt zou worden, en dat hij dertig jaar in het gevang moest. Het werden tien jaar plus verbanning. Adriaen Koerbagh stierf in 1669 van uitputting in het rasphuis, op zijn 37-ste. Zijn broer, die ook in de gevangenis had gezeten, stierf drie jaar later.

Opnieuw gloeien overal de priemen in Nederland om mensen die scherpe kritiek op religie uiten, de tong te doorboren. De binnenlandse veiligheidsdienst, de AIVD, heeft beweerd dat scherpe kritiek van wetenschappers en columnisten als Paul Cliteur islamitische jongeren in de armen van de jihad drijft. Oud-politicus en bestuursvoorzitter van de Open Universiteit Thijs Wöltgens schreef afgelopen zaterdag in een stuk in De Limburger tegen Cliteur dat we ,,een racistisch land'' aan het worden zijn - met de nauw verholen suggestie: dankzij Cliteur.

En wat is Cliteurs misdaad? Hij schrijft kritisch over het geloof in het algemeen, dus ook de islam. Hij wijst erop dat je een achterlijk standpunt inneemt als je je blijft baseren op oude, als heilig beschouwde boeken.

De priemen gloeien ook voor Hirsi Ali. Els Borst zei afgelopen maandag in Trouw dat ze het een schande vindt dat Ayaan Hirsi Ali en anderen de islam een achterlijke godsdienst vinden. En dat Hirsi Ali de profeet Mohammed ,,gemeten naar onze westerse maastaven'', pervers noemde, vindt zij niet kunnen. Maar waarom zou je een man, die een 9-jarige meisje trouwt, en niet alleen maar omdat ze zo lekker kan koken, naar huidige maatstaven geen perverseling mogen noemen? Terwijl je zonder problemen mag beweren dat de christelijke god niet bestaat, en dat Jezus een halvegare hippie was?

Omdat de hele notie van het publieke, intellectuele debat over de islam in ons land verworden is. Men denkt dat zo'n debat als pennenstrijd of op televisie hetzelfde is als een theevisite. Natuurlijk ga je, als je bij de imam op de thee bent, niet meteen zeggen dat alle geloof, dus ook de islam, onzin is. En dat je zonder maagdenvlies ook heel gelukkig een huwelijk aan kunt gaan.

Maar dat neemt niet weg dat het publieke, intellectuele debat vrij en op het scherp van de snede gevoerd moet worden. Dat Nederland als een tolerant land beschouwd wordt, komt mede doordat er eeuwenlang fel over deze kwesties is gedebatteerd. Toch is de nu boot aan zodra Cliteur of Hirsi Ali iets scherps zeggen of schrijven, bijvoorbeeld dat ze de extremistische uitwassen van de islam op scholen en in moskeeën aan de kaak willen stellen. Dan worden ze ervan beschuldigd dat ze `de vrijheid van godsdienst' en `de vrijheid van onderwijs' overboord willen gooien.

Dat is aantoonbare onzin, maar een grote groep Nederlandse columnisten, onder wie Bas Heijne en Sjoerd de Jong (om me tot deze krant te beperken) zijn er als de kippen bij om zich te keren tegen onder meer scherpe open brieven over dit soort onderwerpen. Ze hebben liever dat er gesust wordt. Ze zijn Hollandse theelichtjes. Die niets moeten hebben van Een Ligt schijnende in duystere plaatsen.

Is redacteur van NRC Handelsblad