Habetz eet fritez

In Tilburg verkent Joep Habets de trends langs het spoor en geniet van een megatomatige soep.

De stationsrestauratie is een moeilijk genre. Of het nu aan de omgeving ligt, de inrichting, het reizigerspubliek of de sfeer, geanimeerd is het er zelden. Het station heeft aan romantiek verloren. Vroeger was het de architectonische verheviging van het begin en het einde van een reis, nu een plichtmatige schakel in het forensenverkeer. Niet de beloftevolle verwachting van wat gaat komen of de melancholische herinnering van wat is geweest, maar de dagelijkse sleur beheerst de gedachten. Het station is een plek op weg naar iets anders, een plek waar mensen niet willen zijn.

Het verblijf in de stationrestauratie is tijdsoverbrugging en zelden een vrije keuze. Al snel is het er sleets en rommelig, met sloffende kelners, in folie verpakte plakjes droge cake, een tafeltje uitgebluste mannen en opgewarmd eten. De stationsrestauratie lijkt een verloren zaak, zeker in het buurtwinkelcentrum met een ruim aanbod aan fastfood waartoe de stationshal tegenwoordig is verworden.

Toch is op het Tilburgse station een nieuwe poging gewaagd. Breexz is eigenlijk geen stationsrestauratie, maar een `diner-club-lounge-café' bij een station. Het assortiment overstijgt de gevulde koek, het broodje kaas en de spoorburger. Breexz biedt ook cocktails en fingerfood. En de eet- en drinknering is aangevuld met `daten' en `swingen'.

Er is ook alles aan gedaan om Breexz niet te laten ogen als een stationsrestauratie. De ontwerpers van Concrete zijn ingeschakeld, die hebben vooral in Amsterdam een spoor van hippe tenten achtergelaten. De term `hippe tenten' zou ik niet durven gebruiken, ware het niet dat Breexz is ingericht in een frisse futuristische jaren zestig stijl. Toen was het de toekomst. Nu is het retro én de toekomst, tot de volgende mode zich aandient. Doorzichtige perspexstoelen, wit en zilver als dominante kleuren en grote assertief gekleurde cirkels als decoratie. Niets herinnert aan het bruin of de kantinesfeer van de doorsnee stationsrestauratie, behalve het uitzicht op de taxistandplaats. Er klinkt luide muziek en zowel de zwarte als de witte brigade is in het zwart gestoken. Het is jong, vriendelijk volk, zo ben je ook van de sleets sloffende, chagrijnige kelner af.

Er staan wat beeldschermen opdat we ons opgenomen voelen in het wereldwijde web. Daar hebben we internet helemaal niet voor nodig, een blik op de kaart volstaat. Van Cajun tot Weens, van Thais tot Zweeds, het station in Tilburg is het culinaire hart van de wereld. Breexz hanteert een eigen spelling. Her en der duikt een z op, te paz en te onpaz. Hier drink je cocktailz als `Lotz of Love' en eet je fritez en noodlez.

Ik probeer de Toscaanse tomatensoep, voor 3,25 euro, en de kipsaté met oosterse pindasaus voor 9,50 euro. De Toscaanse tomatensoep is gemaakt van `pomedori'-tomaten en basilicum. Pomodori betekent al tomaten, dus dit moet een megatomatige soep zijn. Er zit ook nog een peultje in en wat taugé. De kruiden zijn vers, dat is al heel wat.

De saté is geacheveerd gepresenteerd. Vijf kleine stokjes, als fingerfood, een bakje Oosterse pindasaus, wat sla en een bakje wat droge frietjes. Wie veel frietjes wil, of een dikke pindasaus, of hompen vlees, is hier aan het verkeerde adres.

Er valt nog het een en ander te wensen, maar Breexz biedt wel perspectief voor het genre stationsrestauratie.

breexz,

NS station Tilburg,

013 5425255,

www.breexz.nl