Caricom erkent regering Haïti niet

De Caraïbische gemeenschap overweegt de nieuwe regering van Haïti niet te erkennen totdat de rol van de Verenigde Staten bij het vertrek van president Jean-Bertrand Aristide, een maand geleden, is opgehelderd.

De vijftien Caricom-landen, bijeen op St. Kitts en Nevis, zeggen ,,nog steeds ongemakkelijk'' te voelen over het vertrek van Aristide. De verdreven president zegt onder dwang van de Amerikanen zijn land te hebben verlaten. Washington ontkent dit.

De huidige voorzitter van Caricom, premier Denzil Douglas van St. Kitts en Nevis, wil dat de omstandigheden rond het vertrek van Aristide worden uitgezocht. ,,We nemen deze zaak op met de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.'' Diplomaten zeggen dat juist om een onderzoek door de Algemene Vergadering is gevraagd omdat de vijftien landen steun hopen te krijgen van de 53 landen van de Afrikaanse Unie, die eerder ook haar ongemak uitsprak over het vertrek van Aristide.

De verdreven president kreeg na zijn vertrek tijdelijk asiel in de Centraal-Afrikaanse Republiek en verblijft op dit moment met zijn gezin in Jamaica. Gisteren melden diplomaten dat Zuid-Afrika hem eveneens asiel heeft aangeboden.

De Caraïbische leiders spraken eveneens hun boosheid uit over de houding van de Veiligheidsraad. In de weken voorafgaand aan het vertrek van Aristide pleitten zij meerdere malen voor het sturen van internationale troepen om de gekozen president te beschermen tegen de steeds verder oprukkende rebellen. De Veiligheidsraad stemde in met een troepenmacht nadat Aristide was vertrokken.

De huidige president en premier van Haïti zijn niet uitgenodigd door de Caricom-leiders. Met name de houding van premier Gerard Latortue, die vorige week de rebellen `vrijheidsstrijders' noemde, wordt gelaakt. Latortue is van zijn kant boos op de Caricom-landen omdat deze toestonden dat Aristide in Jamaica asiel kreeg.

Stabiliteit in Haïti is belangrijk voor de regio. De kustwacht van de Turks en Caicos-eilanden onderschepte gisteren 200 bootvluchtelingen.