Tegenhouden

,,Toverwoorden'' zijn typerend voor de criminaliteitsbestrijding in Nederland, noteert voorzitter De Wijkerslooth van het openbaar ministerie fijntjes in zijn maandelijkse column in het huisorgaan van het OM, Opportuun. ,,Ontmantelen, Kaalplukken, De Korte Klap, Smart Policing'', zijn voorbeelden van dergelijke bezweringsformules. De opsomming is niet uitputtend. Wie herinnert zich niet het lik-op-stuk-beleid, of AU (Aanhouden en meteen Uitreiken van een dagvaarding)? Pas echt `au' is echter de toevoeging die De Wijkerslooth aan het lijstje geeft: Tegenhouden. Dat is namelijk de titel van een actieplan dat plaatsvervangend korpschef Van Riesen van de Amsterdamse politie eind 2001 uitbracht.

Tegenhouden betekent: ,,stelselmatig zal reeds in het voorterrein de (potentiële) crimineel moeten worden ontmoedigd of de voet dwars worden gezet''. Met name het woord dat tussen haakjes staat zorgt voor complicaties. Potentiële daders zijn wij allemaal. De ,,verstorende actiemiddelen'' die de politie claimt, maken ,,het gevaar van een sluipende verdere inperking van de privé-sfeer (-) zeker niet denkbeeldig'', erkende Van Riesen. Hij had het niet alleen over zorgvuldig geselecteerde topcriminelen, maar ook over de gewone veelpleger. En het hangt er maar vanaf hoe breed men deze categorie wil definiëren.

De kritiek van De Wijkerslooth is veel banaler. Willen de politiechefs er alsjeblieft aan denken dat tegenhouden als vorm van voorkoming van mogelijke misdaad niet ten koste mag gaan van de opsporing van gepleegde strafbare feiten? Wie zou daar iets tegen kunnen hebben? Het antwoord is: de scheidend hoofdcommissaris van Amsterdam – Jelle Kuiper, de baas van Van Riesen – en zijn opvolger in Amsterdam, scheidend hoofdcommissaris van Groningen, Welten. Zij zochten de publiciteit om in ongezouten termen kond te geven aan de boodschap dat De Wijkerslooth niets van de politie begrijpt.

Dat was ongepast. De politie mag haar eigen ideeën hebben, maar stelt in dit land niet haar eigen prioriteiten. Waarom was deze uitval eigenlijk nodig? Het rapport-Van Riesen dateert van november 2001. Een van zijn belangrijkste wensen, de vorming van een landelijke recherche, is inmiddels vervuld. De `dadergerichte aanpak' van veelplegers is geheel in de mode. De werkelijke inzet van de controverse is het gezag over de politie. De arrogantie van hoofdcommissaris Nordholt lijkt terug te keren. Nordholt was de voorganger van Kuiper – en destijds baas van Welten. Hij was een kanjer in zijn vak, maar had er een handje van te ver te gaan, getuige zijn befaamde uitval naar de toenmalige procureur-generaal Van Randwijck: ,,Ik beleg een persconferentie en ik trek jou integraal door.'' Dat was tijdens de zogeheten IRT-affaire die zou leiden tot de parlementaire enquête-Van Traa over opsporingsmethoden. Daarin werd een gezagscrisis blootgelegd. Kuiper en Welten weten als geen ander hoe ernstig deze was.

Hoofdcommissaris Kuiper heeft inmiddels verstandig genoeg amende honorable gemaakt aan de voorzitter van het College van procureurs-generaal. Blijft Welten. Deze zorgde reeds voor koppen in de kranten met de suggestie wetsovertreders het recht op privacy te ontzeggen, hetgeen indruist tegen de Grondwet. En nu dan zo'n persoonlijke aanval op een topmagistraat. Het is een wonderlijke entree voor de komende politieman in Amsterdam.