Rol AIVD 1

1Een reeks opiniemakers, inclusief de commentator in deze krant van 11 maart, is de afgelopen dagen fel van leer getrokken tegen de AIVD. Zij menen er door de veiligheidsdienst voor verantwoordelijk gesteld te worden dat moslims ontvankelijk zijn voor rekruteringen voor de jihad. Geconstateerd moet worden dat zij voorbij gaan aan de feitelijk gedane mededelingen en aan de signalerende taak van de AIVD. In de gewraakte AIVD-notitie `Achtergronden van jihadrekruten in Nederland' die aan de Tweede Kamer is gezonden, wordt ingegaan op ideologische en maatschappelijke drijfveren die een rol spelen bij rekrutering voor de jihad. In dit verband behandelt de AIVD een aantal factoren. Een van deze factoren is dat ,,een groeiend aantal moslims zich door opiniemakers en opinieleiders in het maatschappelijk verkeer onheus bejegend voelt''. En ook ,,dat in hun ogen de overheid zich niet of onvoldoende als onpartijdig arbiter opstelt''. Deze percepties die bij veel moslims leven worden zo is in de praktijk vastgesteld uitgebuit door rekruteurs die nadrukkelijk op de verongelijktheid inspelen bij hun wervingspogingen.

Let wel: de AIVD zegt níét dat moslims gelijk hebben als zij zich verongelijkt voelen door uitlatingen in het Nederlandse publieke debat over de islam. De dienst neemt slechts waar dát veel moslims zich verongelijkt voelen. De vrijheid voor opiniemakers om te zeggen en te schrijven wat zij willen, wordt in de notitie op geen enkele manier ter discussie gesteld. Sterker, de AIVD is juist een van de verdedigers van een grondwet die dat recht garandeert.

De zorgvuldige lezer zal dan ook vaststellen dat de dienst in de notitie niet opinieert. Doel ervan is dan ook uitsluitend om politiek, beleidsmakers en samenleving inzicht te geven in veiligheidsrelevante ontwikkelingen, teneinde hen in staat te stellen zich teweer te stellen tegen dreigende gevaren. Het zou verkeerd zijn om in deze analyse van relevante feitelijke waarnemingen de minder gemakkelijke achterwege te laten.

Met betrekking tot de rekruteringsproblematiek was het de AIVD, die het publieke debat hierover al in 2002 aanzwengelde, onder meer met behulp van het AIVD jaarverslag 2001 (mei 2002) en de notitie `Rekrutering in Nederland voor de jihad, van incident naar trend' (december 2002). Indachtig zijn advies per undas adversas (tegen de stroom in) ziet de dienst het als zijn taak ook dergelijke zaken te signaleren en te agenderen. Doel hiervan was uiteraard om via publiek debat het weerstandsvermogen tegen dit verschijnsel te vergroten. Het is immers niet wel mogelijk dit type activiteiten alleen en afdoende via opsporing door de politie, vervolging en veroordeling onder controle te krijgen, alleen al omdat een ernstig vermoeden van strafbare feiten veelal pas optreedt als het al (te) laat is.