Madrid twee weken na 11-M

Twee weken na de aanslagen lijkt alles weer normaal in Madrid. Maar wie wil, ziet 11-M nog overal. Waar blijft bijvoorbeeld de werkster die in een trein naast de ramptrein zat?

De zon schijnt, het voorjaar lijkt begonnen, de terrassen en restaurants zitten weer vol. Twee weken na de terroristische aanslagen gaat het leven in Madrid weer z'n gewone gang. Het is niet langer ongekend stil op straat. De mensen praten niet meer op gedempte toon. En ook de opvallende leegte in de metro is voorbij.

Van de heftige emoties van het weekend na de aanslagen was op maandag al weinig meer over, getuige de uitspraak van een collega: ,,Zeg, hoe lang moeten we dat rouwlint eigenlijk nog laten hangen?'' Het is opvallend hoe snel na de aanslagen Madrid terugkeert naar het gewone leven. Het lijkt soms alsof er niets gebeurd is. Er wordt weer even hard in mobieltjes gegild als voorheen. Er is zelfs niets te merken van extra veiligheidscontroles of meer politie op straat. Laat staan van dichtgesoldeerde vuilnisbakken, zoals een aantal jaar geleden in Parijs, na een aanslag op de metro in die stad.

Het is alsof de mensen niet willen of kunnen geloven dat zoiets een tweede keer kan gebeuren. Alsof ze niet willen dat het goede leven, dat voor veel Spanjaarden ieder jaar weer beter is, wordt onderbroken door zoiets als een bomaanslag. Dus herstellen de beurskoersen en lopen de Madrilenen weer de deur plat van winkels en restaurants. Ook thuis en met vrienden gaan de meeste gesprekken weer gewoon over de plannen voor het komende weekend, de vakantie.

Alles lijkt weer normaal. We zijn weer gewoon aan het werk, doen boodschappen, maken een wandelingetje in het Retiro-park.

Maar hoe normaal is normaal? Wie goed kijkt ziet dat 11-M, zoals 11 maart hier wordt aangeduid, nog regelmatig opduikt. Ook in ons dagelijkse leven, iedere dag weer. Zoals op het werk, waar onze schoonmaakster nog steeds niet aan de slag is. Zij zat in een trein náást de ramptrein en zag het allemaal gebeuren. Ze kwam in shock aan op kantoor, meldde zich ziek en is nog niet teruggekeerd.

Of zoals tijdens het gebruikelijke biertje na de voetbalwedstrijd. Natuurlijk wordt de wedstrijd geanalyseerd, maar ook gaat het over ,,Waar was jij toen...'' en ,,Hoe reageerde je familie in Nederland?''.

Of zoals tijdens onze zondagmiddagwandeling. Station Atocha ligt op onze route. De getroffen treinstellen zijn weggehaald, maar in de stationshal hangt een warme walm van de duizenden brandende kaarsjes. In en rond het station hangen de muren vol met foto's, gedichten, gebeden, steunbetuigingen. En nog dagelijks bezoeken honderden mensen deze `bedevaartsplek'.

Of zoals iedere avond als we de auto parkeren in de Calle Tellez. De eerste dagen na de aanslagen zagen we zo iedere dag weer het wrak van de trein. Vervolgens de opruimwerkzaamheden en nu resten ook hier nog de bloemen, de kaarsjes, de foto's op de muur.

En natuurlijk komen we de aanslagen en de gevolgen ervan iedere dag tegen in de media. Er zijn de herdenkingsbijeenkomsten, die we zien op tv. De beelden van de familieleden die worden getroost door de koning en de koningin zijn aangrijpend. Zeer indrukwekkend ook zijn de portretten van de slachtoffers die de kranten nog altijd dagelijks afdrukken. De slachtoffers krijgen zo een naam, een gezicht. Veel bouwvakkers, obers, schoonmaaksters. Gewone mensen met gewone beroepen.

Bij vele (sport)evenementen wordt nog altijd, letterlijk, stilgestaan bij de aanslagen. De Spaanse versie van Studio Sport was ook deze zondag nog een combinatie van sport- en herdenkingsprogramma. Vooral de 202 lege stoeltjes met evenzovele kaarsjes op de tribune van volksclub Atletico Madrid waren indrukwekkend.

De stad hangt nog altijd vol met vlaggen met rouwlinten eraan. Nog veel auto's hebben een zwart lint aan de antenne hangen. Maar de chauffeurs toeteren weer even hard en hebben weer even weinig geduld als vóór 11-M.

Germaine Custers en Kees Verschoor wonen en werken sinds anderhalf jaar in Madrid, vlak bij de Calle Tellez en het Atocha-station.